Nieuwsbrief

Wist je dat paarden in de winter ook sterk kunnen zweten bij intensieve training?

Handige tips, leuke (webshop) acties, nieuwe onderzoeken en toffe video's willen we graag met je delen! Bekijk hier de nieuwsbrief van vorige maand

Meld je hier aan

Adviesfilter
Advies over
Houderij

 

Dit is de voedingsbehoefte van je paard

 

Eiwit, energie, suiker, mineralen en sporenelementen zitten in het ruwvoer van je paard. Hoeveel krijgt hij daarvan via zijn ruwvoer binnen? Heeft hij daarnaast aanvullingen in mineralen en sporenelementen, krachtvoer en/of supplementen nodig, en zo ja hoeveel? Rob Krabbenborg, productmanager en voedingsspecialist van Pavo, legt uit wat de basisbehoeften van je paard zijn.

Wat een paard naast zijn ruwvoer nodig heeft aan mineralen en sporenelementen, krachtvoer en/of supplementen, hangt van een aantal factoren af. De behoefte aan voer wordt bepaald door wat het paard doet, hoe groot of klein hij of zij is, hoe warm het buiten is, et cetera. Om de behoefte aan voeding te dekken heb je aanbod nodig: dit aanbod komt uit ruwvoer en eventueel uit aanvullende producten.

Aangezien het belangrijkste aanbod van voedingsmiddelen uit het ruwvoer komt, is de kwaliteit van dit ruwvoer voor een groot gedeelte bepalend voor wat een paard precies binnen krijgt aan voedingsmiddelen. Daarover las je ook in dit het artikel 'een certificaat voor je ruwvoer'. Daarnaast is belangrijk wat voor paard je hebt, hoeveel werk hij of zij verricht en, als het een merrie is, of ze een veulen zoogt.Dit bepaalt tesamen wat je paard eventueel nog aanvullend nodig heeft.

Eiwitgehalte

Eiwit is een belangrijke bouwsteen voor het lichaam, het speelt een belangrijke rol bij herstel van weefsel en opbouw van spieren.

Invloed van maaimoment op eiwitgehalte

Het maaimoment heeft invloed op de kwaliteit van het ruwvoer. Eiwit komt vooral uit het blad van de grasplant, uit de stengel komt nauwelijks eiwit. Als gras laat gemaaid wordt (bijvoorbeeld pas halverwege juni of begin juli) dan is het aandeel stengel zeer hoog en bevat het hooi relatief weinig blad. Daarmee neemt de energie-waarde en het eiwitgehalte van het hooi flink af (zie ook 'een certificaat voor je ruwvoer').

Een lage energie waarde is ideaal voor normale paarden, maar minder ideaal voor paarden die in de topsport lopen of die ingezet worden in de fokkerij, deze paarden hebben een behoorlijke behoefte aan eiwit en lopen kans op tekorten en hebben veelal een aanvulling in de vorm van krachtvoer nodig.

Berekening hoeveelheden eiwit

We gebruiken bij paardenvoer de termen Ruw Eiwit (RE) en Verteerbaar Ruw Eiwit paard (VREp). Ruw Eiwit is de totale hoeveelheid eiwit in het ruwvoer, Verteerbaar Ruw Eiwit paard geeft aan hoeveel eiwit er ook werkelijk door het paard verteerd kan worden. Als je je paard 10 kg hooi geeft en de hoeveelheid Verteerbaar Ruw Eiwit (VREp) is 60 gram per kilo hooi (de hoeveelheid die een normaal sportpaard binnen moet krijgen), dan krijgt je paard ook echt 600 gram eiwit per dag binnen.

Hoeveel heeft je paard nodig?

Het totaal eiwit gehalte in ruwvoer moet voor 'normale' paarden minimaal 60 gram per kilo droge stof zijn, maar zou voor fokmerries en paarden die hard moeten werken bij voorkeur boven de 100 gram per kilo droge stof moeten zijn. Veel ruwvoeders bevatten voor de echte sportpaarden en fokmerries te weinig eiwit: dat zal dus via het krachtvoer moeten worden aangevuld.

Energiebehoefte

Hoeveel energie heeft je paard nodig uit zijn voer? Sportpaarden en paarden in de fokkerij (merries met veulens) hebben veelal een aanvulling van energie en/of eiwit in de vorm van krachtvoer nodig. De overige paardeneigenaren hoeven zich alleen maar zorgen te maken over de aanvulling van vitaminen, mineralen en sporenelementen.

Hoeveelheid arbeid bepaalt

De energiebehoefte van sportpaarden ligt afhankelijk van de intensiteit van de arbeid ergens tussen de 7,1 en 11,0 EWpa (Energie Waarde paard) per dag. Kijken we naar het gemiddelde hooi/kuil dat aan paarden gevoerd wordt in Nederland, dan zit er in elke kilo 0,47 EWpa (0,61 EWpa per kg droge stof). Om de energiebehoefte te dekken van 7,1 EWpa per dag zou je daarvan dus 15 kilo hooi moeten voeren. En om de energie-behoefte te dekken van een topsportpaard die 11,0 EWpa per dag nodig heeft, zou je 23 kilo van het gemiddelde hooi uit Nederland moeten voeren. Dat gaat dus niet. Vandaar dat de sportpaarden over het algemeen krachtvoer nodig hebben om de hogere energie-behoefte te dekken.

Suikergehalte

De grootste hoeveelheid suiker die paarden op een dag binnen krijgen komt via het gras of het hooi. Een te hoog suikergehalte kan leiden tot overgewicht, hoefbevangenheid en insulineresistentie. Het kan stofwisselingsproblemen geven.

Suiker in ruwvoer

Het is terecht dat er veel aandacht is voor suiker in de voeding van probleempaarden. Let daarbij niet alleen op gehaltes (en hoeveelheden) in het krachtvoer, maar let ook sterk op gehaltes in gras, kuil en hooi dat je voert.

Verschil tussen hooi, kuil en gras

Tussen het suikergehalte van hooi, gras en kuil zitten verschillen. Gemiddeld zit er in hooi en voordroog kuil 100 gram suiker per kilo droge stof. Oftewel 10 procent van de droge stof in hooi of kuil is suiker. Als een paard 10 kg droge stof hooi eet (dat is ongeveer 11,5 kilo hooi), eet hij een kilo suiker. Zet het paard volop in het gras en hij krijgt minstens 2 kg suiker per dag binnen.

Suikergehalte in kuil of hooi varieert

Het suikergehalte in het hooi of kuil kan sterk verschillen. Als gras s‘ochtends gemaaid is, dan is het suikergehalte beduidend lager dan wanneer het aan het eind van de middag gemaaid is.
Het suikergehalte in ruwvoer hoort normaal tussen de 40 en 100 gram per kilo droge stof te liggen. Komt het suikergehalte boven de 140 gram, dan is dat te hoog.

Dit artikel is geschreven door Marjan Tulp. het is in juni 2015 verschenen op www.paardvisie.com


Mineralen en sporenelementen

Uit onze ruwvoermonitor blijkt dat er het ruwvoer dat we in Nederland voeren bijna altijd tekorten zijn in de sporenelementen zink, koper en selenium in het ruwvoer.

Mineralen: let op calcium, fosfor en magnesium

Mineralen zijn betrokken bij belangrijke lichaamsfunctie. Van de mineralen zijn met name calcium, fosfor en magnesium belangrijk. Hiervan heeft het paard dagelijks veel nodig (d.w.z. in 'eetlepel'  hoeveelheden).
Belangrijk voor de ruwvoerkwaliteit is de verhouding tussen calcium en fosfor, die voor sterke botkwaliteit zorgt. Normaal hoort die verhouding tussen de 1,5 en 2,5 te liggen. Dat betekent dat het calciumgehalte grofweg 2 maal zo hoog moet zijn als het fosfor gehalte. Bij ruwvoer voor jonge paarden is een verhouding van 1,5 – 2,0 ideaal.

Sporenelementen: let op koper, zink, mangaan en selenium

De belangrijkste sporenelementen voor paarden zijn koper, zink, mangaan en selenium. Deze elementen heten sporenelementen omdat paarden ze in zeer kleine hoeveelheden (d.w.z: 'milligrammen'  hoeveelheden) per dag nodig hebben, maar ze hebben het wél nodig.

  • Koper is belangrijk voor de botontwikkeling en hemoglobinevorming en zink is nodig voor eiwitsynthese en stofwisseling.
  • Selenium is een anti-oxidant en dus voor het immuunsysteem en de spieren belangrijk. Selenium is belangrijk maar let op: het is giftig bij overdosering.
  • Bij paarden is ijzer nooit een probleem, in ruwvoermonsters zien wij enorm veel ijzer.

Een sportpaard dat 11 EwPa nodig heeft kan niet alleen op ruwvoer leven

Meten is weten

Laat je ruwvoer analyseren In een ruwvoeranalyse zie je de hoeveelheden energie, eiwit, vet, suiker, ruwe celstof en de mineralen calcium fosfor, magnesium en de sporenelementen koper, zwavel, zink en selenium van je ruwvoer.

Wil je wel eens weten wat er in jou ruwvoer zit? Pavo stelt hiervoor gratis onderzoeks-doosjes beschikbaar: je krijgt een doosje thuis gestuurd met een inzendformulier, een instructie en een plastic zakje om het monster in te doen. Het ruwvoer-monster stop je in het doosje en stuur je vervolgens naar het laboratorium van Eurofins Agro (postzegel niet nodig). Een week later komt de uitslag!!

Een beperkte analyse kost 64 euro, een uitgebreide analyse heb je voor 115 euro. Heb je een uitslag en wil je daar een heldere uitleg bij, dan kun je daarvoor uiteraard bij ons terecht.

Nog een tip voor de bemonstering: Doe een voordroog-monster bij voorkeur niet op vrijdag op de post, dan is het te lang onderweg en zijn de voedingswaardes niet meer helemaal betrouwbaar.


Conclusie:

Wat heeft je paard precies nodig? Meten is weten!

Zoals je hierboven gelezen hebt is de kwaliteit van het ruwvoer heel bepalend voor wat je paard aanvullend nodig heeft om aan zijn basisbehoeften te voldoen.
Ook het type paard of het werk dat je paard doet maakt uit. Sportpaarden en merries in de fokkerij hebben vaak een aanvulling in eiwit en energie nodig in de vorm van krachtvoer. Paarden die recreatief gereden worden kunnen veelal toe met aanvullingen van vitaminen, mineralen en sporenelementen.

Maar voordat je zomaar gaat voeren: laat je ruwvoer beoordelen, dan weet je precies wat je paard via zijn ruwvoer al binnen krijgt aan eiwit, energie, suiker, vitamines, mineralen en sporenelementen. Vervolgens kun je op maat voeren.