Zakgoed, supplementen & BigBoxen

Betaal veilig met iDEAL of Bancontact

Altijd op voorraad

Kies je filters

Categorie
Onderwerp
Type
25 - 48 van 141 artikelen |
Sorteren op:
Voeding en gezondheid
10 tips om een mager paard dikker te krijgen
Is je paard te mager? Als je paard achter de ribben, bij de flanken, is ingevallen, dan duidt dat op een ruwvoertekort. Als je de ribben van je paard kan zien en de achterhand is ingevallen (heupbeenuitsteeksels zijn goed te zien), dan is je paard inderdaad te mager. Het kan ook zijn dat je paard misschien niet echt mager is, maar wat meer bespiering moet krijgen. Oorzaken van een mager paard Als je paard te weinig gewicht heeft, kan dat verschillende oorzaken hebben: De voeding is niet energie- en eiwitrijk genoeg geweest Je paard kan een worminfectie hebben Het gebit kan niet goed in orde zijn, waardoor het voedsel niet goed verteerd wordt Bij een ouder paard kan het verteringsstelsel minder efficiënt worden, waardoor het dier mager wordt Je paard kan vermagerd zijn door een ziekte Een mager paard dikker krijgen Wanneer je paard te mager is, is het verstandig om eerst naar de oorzaak te kijken. Misschien krijgt hij gewoon te weinig energie binnen, dan is het een kwestie van meer vezels, vetten en eiwitten voeren. Maar hij kan ook iets onder de leden hebben waardoor hij te mager is. We geven je 10 tips die je kunnen helpen om je magere paard weer op gewicht te krijgen. 1. Laat een bloed- en mestonderzoek doen Als je paard niet simpelweg te weinig voer krijgt, kun je een bloedonderzoek laten doen. Bij een bloedonderzoek let je op ziektekundige oorzaken van ondergewicht. Zo wordt er gekeken of de lever, nieren en darmen van je paard naar behoren werken. Of dat er misschien ontstekingsprocessen of een virus een rol spelen. Bij het mestonderzoek wordt gekeken naar eventuele wormen en zand in de mest. Beide onderzoeken kun je door een dierenarts laten uitvoeren. 2. Controleer het gebit Als een paard een probleem aan het gebit heeft, kan het zomaar zijn dat hij minder eet en daardoor afvalt. Laat daarom ook altijd even de tanden controleren door de tandarts. Als de tanden en het bloed- en mestonderzoek goed zijn, kun je een speciaal voedingsschema op gaan stellen om een toename in gewicht te stimuleren. Je dierenarts zou je hier goed bij kunnen helpen of vraag advies aan de voedingsdeskundigen van Pavo. 3. Zorg voor ruwvoer van goede kwaliteit Van arm vogeltjeshooi en -stro kunnen paarden niet groeien. Geef een paard dat dikker moet worden goed voedzaam hooi of voordroogkuil en vermijd grofstengelig en moeilijk verteerbaar ruwvoer. De kwaliteit en de voedingswaarde van ruwvoer kunnen per partij verschillen. Wil je zeker weten dat de kwaliteit van je hooi goed is, dan moet je het laten testen. Dit kan door een ruwvoermonster te laten testen met de Pavo Ruwvoer Quickscan: een snelle een eenvoudige manier om er achter te komen hoeveel suiker, eiwit en energie er in je ruwvoer zit.  Drogestofgehalte Gemiddeld zien we in voordroogkuil voor paarden een drogestof-gehalte van 650 – 700. Dat betekent dat het ruwvoer voor 65 - 70% bestaat uit droge stof en voor 30-35% uit water. Van voordroogkuil moet je relatief gezien veel kilo’s voeren, omdat een groter deel enkel vocht is.   Energiewaarde Ook kun je kijken naar de energiewaarde en het VREp-gehalte (Verteerbaar Ruw Eiwit paard). Deze zouden beide redelijk hoog moeten zijn om een mager paard te laten aankomen. De gemiddelde energiewaarde in de droge stof is 0,65 EWpa (Energie Waarde paard). De gemiddelde VREp waarde is 78 gram per kg droge stof.   Vitaminen, mineralen en sporenelementen Als het ruwvoer van bemeste grond af komt zijn de gehaltes aan mineralen en spoorelementen meestal wel in orde. Dat is anders voor onbemeste grond. Dan is een aanvulling via krachtvoer of een supplement vaak noodzakelijk. 4. Geef onbeperkt ruwvoer Geef een mager paard onbeperkt ruwvoer. Van nature zoeken paarden de hele dag naar voedsel. Als er onbeperkt ruwvoer beschikbaar is, dan zal je paard ook de hele dag kunnen eten en dus sneller op gewicht komen. Mocht er niet genoeg ruwvoer beschikbaar zijn dan kan Pavo FibreNuggets een oplossing bieden. Deze grasbrokken zijn rijk aan vezels en bevatten een constante kwaliteit. Geschikt voor ieder paard en rantsoen en ook voor oudere paarden makkelijk te eten. 5. Geef je paard (meer) weidegang Van weidegang komen paarden vaak het snelst op gewicht. Vers gras bevat meer energie en eiwit dan hooi en kuil. Zorg daarom dat je paard, als dit mogelijk is, lekker veel gras kan eten. Veel paarden staan in de winter minder in de wei dan in de zomer. In de winter groeit het gras niet en zijn de gehaltes lager. Daarom zie je vaak dat paarden in het najaar en de winter wat terugvallen in gewicht. Hou in het weideseizoen wel rekening met het fructaangehalte in het gras, helemaal als je paard gevoelig is voor suikers.  6. Kies voor geëxpandeerde brokken en/of gepofte muesli Probeer een paard of pony die moet aankomen energierijke en goed verteerbare voeding te geven. Kies daarom voor krachtvoer, waarbij de granen door verhitting ontsloten zijn (pelleteren in brokken en poffen in muesli's), zoals Pavo EnergyControl en Pavo SportsFit. De grondstoffen zijn onder druk verhit, waardoor het zetmeel bijna volledig verteerbaar is in de dunne darm. In de blinde- en dikke darm wordt vervolgens veel minder melkzuur gevormd. De zuurgraad verlaagt hierdoor niet en er ontstaan geen gifstoffen vanwege het afsterven van micro organismen. 7. Geef een olie- of vetrijk rantsoen Olie is een bron van duurenergie. Je paard krijgt er meer energie van, maar wordt niet heet. Voeg plantaardige olie toe aan het rantsoen of kies een krachtvoer met een wat hoger vet- of oliegehalte. Voer je sportpaard bijvoorbeeld Pavo SportsFit (muesli),  Pavo EnergyControl (brokken) of Pavo TopSport. Pavo 18Plus is afgestemd op de behoefte van oudere paarden. Denk ook eens aan een slobber als Pavo SlobberMash als extraatje! 8. Stem het rantsoen af op de hoeveelheid arbeid Pas altijd je rantsoen aan op de arbeid die je paard moet verrichten. Wanneer je flink traint en je paard wat schraal wordt, dan betekent dit dat je te weinig energie en eiwit voert in verhouding tot de arbeid die je paard verricht. Het is aan te raden om dan over te schakelen op een energierijkere brok of muesli of een extra topping, zoals Pavo TopSport. 9. Geef je paard voldoende eiwit In voer speciaal voor dragende en lacterende merries en jonge paarden zit altijd een verhoogd eiwitgehalte, omdat deze paarden moeten groeien. Een merriebrok, zoals Pavo PodoLac, is voor een mager paard dus zeker een idee, omdat je dan ook de spierontwikkeling ondersteunt. Een oud paard heeft een minder efficiënt verteringsstelsel en kan eiwitten minder goed verteren dan een jonger paard. Een oud paard heeft daardoor relatief meer eiwit nodig in het rantsoen om op gewicht te blijven en spieren te behouden. Daarvoor heeft Pavo 18Plus: het voer speciaal afgestemd op oudere paarden en met een verhoogd eiwitgehalte. 10. Help de darmgezondheid met ontsuikerde bietenpulp Bietenpulp is een heel goede aanvulling voor paarden die mager zijn. Een voorbeeld van ontsuikerde bietenpulp is Pavo SpeediBeet. Dit product bevat pectine, een oplosbare vezel die nog beter verteerbaar is dan de vezels in ander ruwvoer. Hierdoor is deze bietenpulp een fantastische bron van heel veel langzaam vrijkomende energie en perfect geschikt voor alle soorten paarden en pony's. Pectine heeft een prebiotische werking. Dit betekent dat de vezels de groei van gezonde bacteriën in de darmen ondersteunen. Als je paard echt mager is, of bijvoorbeeld moeite heeft met de opname van 'normaal' ruwvoer, is Pavo FibreBeet een betere keuze. Dit is een mix van Pavo SpeediBeet verrijkt met luzerne voor extra eiwitten. Door deze combinatie is het een veilige en gezonde 'dikmaker' en ideaal voor magere (oude) paarden en (sport)paarden met een arme bespiering. Doordat je beide producten eerst met water moet weken, voordat je het voert, is het heel geschikt voor (oude) paarden met gebitsproblemen.  Lees hier meer over bietenpulp voor paarden. Paard dikker krijgen: dit moet je vooral NIET doen Als je een paard dikker wilt krijgen, zijn er ook een paar ‘tips’ die je veel in de wandelgangen hoort, maar vooral NIET moet doen. Geef nooit grote hoeveelheden geplette maïs, ingekuilde maïs of maïsmeel om een mager op gewicht te krijgen. Maïs kan er wel voor zorgen dat het paard snel dikker wordt, maar maïs is erg moeilijk te verteren voor een paard. Wanneer onverteerde maïs in de dikke- en blinde darm terecht komt, kan gaskoliek of diarree ontstaan. Pas hier dus mee op!
Lees meer 5m
Voeding en gezondheid
Koliek: alles over koliek bij paarden
Koliek is een verzamelnaam voor buikpijn en kan erg gevaarlijk zijn voor paarden, zelfs zo erg dat ze eraan kunnen overlijden. Lees hier alles over koliek bij paarden, wat de oorzaken kunnen zijn, tips om het te voorkomen en wat het voeradvies na koliek is. Wat is koliek? Koliek bij paarden is dus een vorm van buikpijn. Bij een paard kunnen op diverse plaatsen in het spijsverteringskanaal verstoppingen, krampen, (gas)ophopingen of verschuivingen optreden, vaak met koliek tot gevolg. Soorten kolieken Er zijn verschillende soorten kolieken, waarbij het lastige is dat je paard soms heel duidelijk laat zien dat er iets mis is en soms zijn de symptomen minimaal. De meest voorkomende soorten van koliek bij paarden zijn: Gaskoliek: normaal gesproken verlaten gassen het lichaam via winden of scheten. Als de gassen er niet uit kunnen, bijvoorbeeld doordat de gassen zich hebben opgehoopt of de darm (gedeeltelijk) wordt geblokkeerd, kan er gaskoliek ontstaan. Verstoppingskoliek: er is sprake van verstoppingskoliek als de darmen verstopt zitten met voer. Dit zie je vaak als je paard bijvoorbeeld teveel stro eet, het voer niet goed fijnmaalt en/of onvoldoende drinkt. Zandkoliek: als je paard teveel zand eet, bijvoorbeeld omdat het gras op de wei erg kort is of in de paddock ruwvoer vanaf de grond gevoerd krijgt, blijft het zware zand achter in de darmen en kan er een zandkoliek ontstaan. Krampkoliek: (chronische) stress of plotselinge veranderingen in het management van je paard, bijvoorbeeld veranderingen in voer of stalling, kunnen voor verkrampingen in de darm zorgen.   Oorzaak koliek bij paarden Als je paard koliek heeft, kan dat verschillende oorzaken hebben, zoals een wormbesmetting, slecht onderhouden gebit, zandophoping of een ontsteking of verlamming van de darm. Koliek kan ook komen door beschimmeld of bedorven voer. Andere voergerelateerde oorzaken van koliek kunnen onder andere zijn: Een vezelarm (= te weinig ruwvoer) en/of zetmeelrijk rantsoen. Een te snelle overgang naar een nieuw rantsoen, zowel krachtvoer als ruwvoer. Suikerrijk voorjaarsgras kan door het hoge suikergehalte en snelle doorstroming koliek veroorzaken. Een grote hoeveelheid stro opeten. Door de droge massa en grote hoeveelheid kan dit een verstopping geven. Wanneer de overgang geleidelijk gaat, kan stro trouwens prima deel uit maken van het rantsoen. Koliek symptomen Een paard met koliek ziet er niet fit uit en oogt vaak lusteloos of juist rusteloos. Niet altijd alle symptomen zullen zichtbaar zijn, maar als je paard enkele van onderstaande kenmerken vertoont, bestaat de kans dat het om koliek gaat: Niet willen eten Rollen of veel liggen en weer opstaan Naar de flank kijken of naar de buik schoppen Zweten en koortsig Verhoogde hartslag en ademhaling Wat te doen bij een paard met koliek? Als je vermoed dat je paard koliek heeft, waarschuw dan direct de dierenarts en beschrijf goed de symptomen die je hebt opgemerkt. Als je de hartslag van je paard kunt tellen of meten, geldt: hoe hoger de hartslag is, hoe meer spoed voor de dierenarts! Wat je verder het beste kunt doen, hangt er vanaf hoe heftig de koliek is. Als het mogelijk is, laat het paard dan een kwartier tot half uur stappen, mits het paard geen gevaar vormt voor zichzelf en voor jou als eigenaar. Als het paard zo'n heftige koliek heeft dat dit wel het geval is, is het soms verstandig het dier in een paddock/bak te zetten waar hij zichzelf zo min mogelijk kan beschadigen. Het is over het algemeen niet zo dat het rollen de koliek op dat moment nog verergert. Tips om koliek bij paarden te voorkomen Je hebt het ontstaan van koliek niet altijd zelf in de hand, maar er zijn wel een aantal zaken waar je rekening mee kunt houden om koliek bij je paard zoveel mogelijk te voorkomen. Een aantal tips voor je op een rij: Verander nooit abrupt van voer, maar doe dit geleidelijk. Dit geldt niet alleen voor krachtvoer, maar ook voor hooi of weidegang. Voer je paard de hoeveelheid voeding die past bij de inspanning en prestatie die het die dag moet leveren en zorg voor voldoende ruwvoer en beweging, zodat de darmen actief blijven. Let er wel op dat het hooi niet net geoogst is of schimmelplekken bevat. Het is sowieso niet verstandig beschimmeld voer of stro in de stal te leggen. Voorkom grote hoeveelheden zetmeelrijk voer, zoals maismeel en tarwe. Teveel en te snel is nooit goed! Zorg er dus voor dat je paard rustig eet en niet te veel koud water drinkt direct na een zware inspanning. Vergeet nooit om bietenpulp voor paarden, zoals Pavo SpeediBeet en Pavo FibreBeet, eerst in water te weken voor je het voert. Je kunt de darmfunctie van je paard extra ondersteunen met een speciaal supplement, zoals Pavo GutHealth. De 100% natuurlijke ingrediënten in Pavo GutHealth zorgen ervoor dat de gezonde bacteriën in de dikke- en dunne darm optimaal worden gevoed en de bacteriepopulatie weer terug in balans komt. Zorg tot slot voor een goed ontwormbeleid en regelmatige gebitscontroles. Voeradvies na koliek Als je paard koliek heeft gehad, is het belangrijk dat het rantsoen weer langzaam opbouwt. Geef hem niet direct onbeperkt ruwvoer, maar begin met kleine porties hooi. Dit kun je eventueel aanvullen met Pavo SpeediBeet, Pavo SlobberMash ,Pavo FibreNuggets en olie voor een goede doorstroming. Mocht je paard wat ingevallen zijn dan kan Pavo Fibrebeet ook hulp bieden. Dit product heeft dezelfde eigenschappen als Pavo Speedibeet alleen dan nog aangevuld met luzerne en andere vezelrijke bestandsdelen om je paard op een gezonde manier weer wat meer massa te geven. Daarnaast kun je aanvullend een supplement geven dat een gezonde darmfunctie extra ondersteunt, zoals Pavo GutHealth. Pavo GutHealth bestaat uit 100% natuurlijke ingrediënten en is speciaal ontwikkeld om de spijsvertering van je paard optimaal te ondersteunen door de bacteriepopulatie in de darmen weer in balans te brengen. Ben je niet helemaal zeker over de kwaliteit van je ruwvoer? Dan is het raadzaam om je hooi of kuil een keer te laten testen doormiddel van een Ruwvoer Quickscan deze scan geeft aan hoeveel suiker, eiwit en energie je ruwvoer bevat. Training oppakken na koliekoperatie Een koliekoperatie is een heftige ingreep, die het paard niet altijd overleeft. Als zowel de wond als het paard van deze operatie zijn hersteld, mag je rustig beginnen met het revalideren wat in eerste instantie uit alleen stappen bestaat. Na drie maanden wordt verondersteld dat de plaats van de buikwond sterk genoeg is om het paard weer licht werk te laten doen. Je kunt hierbij denken aan een kwartier longeren of licht rijden. Kijk vooral goed naar wat je paard aankan. Over het algemeen kun je ervan uitgaan dat je zonder tegenslag je paard ongeveer 6 maanden na de operatie weer normaal kunt trainen.
Lees meer 3m
Voeding en gezondheid
Fructaanindex helpt bij bewuste weidegang
In het voorjaar breekt het weideseizoen weer aan. En hoewel gras voor een paard een natuurlijke voedingsbron is, brengt de overgang van stal naar weide wel wat risico’s met zich mee. Eén van deze risico’s is de hoeveelheid  fructaan in het gras. De fructaanindex De fructaanindex van Hoefnatuurlijk (zie onderaan deze pagina) is een tool die het fructaangehalte op basis van de actuele weersinformatie samenstelt. Uiteraard is het daadwerkelijke fructaangehalte in het gras van veel meer factoren afhankelijk (soort gras, bemesting, bezetting van de weide etc.) maar als je je bewust bent van de schommelingen, kan dit je wel helpen bij het management van de weidegang van je paard. Wanneer is het fructaangehalte hoog? In de zon maakt een grasplant fructaan aan, wat hij gebruikt om te groeien. Hoe meer warmte en zonlicht er is, hoe meer fructaan er ook weer verbruikt wordt. Bij lage nachttemperaturen groeit de plant niet tot nauwelijks tijdens de nacht en wordt deze fructaan niet verbruikt, waardoor het fructaangehalte in het gras veel minder daalt dan wanneer het een zachte nacht is. De volgende ochtend begin je dus al met een hoger fructaan in het gras (accumulatie van het fructaan). Als het paard dit (vaak korte) gras eet, schiet zijn suikerspiegel omhoog, komen er meer suikers in de dikke darm terecht en ligt hoefbevangenheid op de loer. Dit is met name een risico voor paarden en pony’s die erg gevoelig zijn voor hoefbevangenheid. Gevaarlijke momenten zijn daarom erg zonnige dagen die volgen op erg koude nachten (nachtvorst). Dan is het verstandigst je paard of pony pas heel laat op de avond en gedurende de nacht op de weide te zetten (na 21:00 uur). De productie van fructanen door de plant vindt plaats onder invloed van zonlicht, dus op bewolkte dagen (of in schaduwrijke plekken van het weiland) wordt er minder fructaan in het gras gevormd, en groeit het gras dus ook minder snel. Advies weidegang Tijdens het voorjaar moeten we voorkomen dat het paard in één keer een te grote hoeveelheid fructaan binnenkrijgt, ongeacht of ons paard gevoelig is voor hoefbevangenheid of niet. Zelfs de meest stabiele bacteriepopulaties van het spijsverteringsstelsel worden in een bepaalde mate beïnvloed door overbelasting van fructaan, maar zijn in staat de effecten te verminderen. Gelukkig is het management voor alle paarden hetzelfde: voorzichtig omschakelen en het lichaam (lees: bacteriekolonies) de tijd geven zich aan te passen. Introduceer je paard op de weide op die momenten dat het fructaan nog niet te hard gestegen is onder invloed van het zonlicht (vroege ochtend tot 10:00 uur, met uitzondering van nachtvorstperiodes) of wanneer een groot deel van het fructaan dat die dag geproduceerd is alweer opgebruikt is door het grasplantje (na 21:00 uur). Beperk de grasinname. Dat kan door het gebruik van een muilkorf, de oppervlakte van het grasland te beperken door een stukje af te zetten of de tijdsduur van de weidegang langzaam op te bouwen. Voer voordat je paard de wei op gaat een alternatieve suikerarme ruwvoerbron, zoals Pavo SpeediBeet. Dit ondersteunt het behoud van de fermentatiepatronen. Een lekkere natte mix, vlak voordat je je paard in de wei zet, zorgt er ook voor dat je paard een vol gevoel heeft waardoor hij zich in de eerste uren minder op het gras ‘stort’. Bouw je winterrantsoen af en stel een zomerrantsoen samen naast gras. In de praktijk betekent dit vaak dat het zetmeelrijke krachtvoer dat je in de winter voert, vervangen kan worden door zetmeelarm krachtvoer, zoals bijvoorbeeld Pavo Nature’s Best, of een aanvulling van alleen vitaminen, mineralen en sporenelementen, zoals Pavo Vital (brokjes) of Pavo DailyFit (koeken).  De actuele fructaanindex Hieronder zie je de actuele fructaanindex, zoals Hoefnatuurlijk deze gebruikt. De kaart geeft per plaats een indicatie van de mogelijke hoeveelheid fructaan in het gras. De risicovoorspelling (laag, gematigd, hoog en zeer hoog) wordt gemaakt op basis van de temperatuur en de hoeveelheid zon.  Let op: hierbij wordt dus geen rekening gehouden met overige factoren, zoals het soort gras, de bemesting, hoeveelheid zon en schaduw in de weide etc., waardoor het lastig is om een betrouwbare voorspelling te maken. Ons advies is dan ook om vooral je gezonde verstand te gebruiken en met bovenstaande tips de weidegang van je paard te managen.  
Lees meer 2m
Voeding en gezondheid
Cushing bij oudere paarden
De ziekte van Cushing, oftewel PPID, komt voornamelijk voor bij oudere paarden. Door de ziekte is de hypofyse van het paard verstoord, waardoor deze teveel hormonen afgeeft. Dit veroorzaakt onder andere de typische krullerige vacht. Benieuwd hoe je cushing bij je paard kunt herkennen en hoe je hiermee moet omgaan? Ziekte van Cushing Cushing, otewel PPID, is kortgezegd een verouderingsziekte die een verstoring teweeg brengt in de hypofyse van het paard. Door deze verstoring geeft de hypofyse van de hersenen teveel hormonen af, waardoor het paard hormonaal uit balans raakt. Dit veroorzaakt onder andere de typische krullerige vacht. Steeds meer paardenbezitters weten dat paarden, met name als ze ouder worden, de ziekte van Cushing kunnen krijgen. Cushing herkennen bij je paard Cushing bij paarden is het makkelijkst te herkennen aan de lange, krullerige vacht en het slechte verharen in het gevorderde stadium van de ziekte. Maar niet in alle gevallen zijn de symptomen even duidelijk. Is je paard slomer en lijkt het alsof hij het werk niet meer zo goed aankan? Verminderd presteren kan één van de eerste symptomen van de ziekte zijn. Andere symptomen die veel gezien worden, zijn: veel drinken en plassen, een hogere gevoeligheid voor infecties, verminderde vruchtbaarheid, verlies van spieren, een buikig model en abnormaal zweten. Complicaties ziekte van Cushing Met name hoefbevangenheid is in dit opzicht een gevreesde complicatie van PPID. Door de verstoring van de hormonale balans wordt namelijk ook de suikerstofwisseling verstoord, waardoor het paard extra gevoelig is voor een suikerrijk rantsoen. In het najaar is PPID zelfs in ongeveer 70% van de gevallen de veroorzaker van een hoefbevangen paard. Daarnaast wordt de afweer tegen infecties door de verstoring negatief beïnvloed. Levensverwachting bij PPID Als bij een paard of pony de diagnose PPID tijdig gesteld wordt, kan het met de juiste maatregelen vaak nog prima jaren mee. Zeker als voorkomen kan worden dat het paard als gevolg van de ziekte van Cushing hoefbevangen raakt, omdat dit uiteindelijk de kwaliteit van leven het meest kan bedreigen. Heb ik een Cushing paard? Hoewel de kans op de ziekte bij een jong paar kleiner is, kan de ziekte zich vanaf het zevende levensjaar ontwikkelen. Sinds enkele jaren is het veel makkelijker om goed onderzoek uit te voeren naar de ziekte. Een enkelvoudig bloedmonster is al voldoende om een bepaling te doen van het hormoon ACTH, waarmee de diagnose betrouwbaar te stellen is. Het najaar is de beste periode om dit onderzoek door de dierenarts te laten uitvoeren, aangezien paarden met PPID dan een relatief veel hogere bloedspiegel aan ACTH hebben dan paarden zonder de ziekte. Maar ook buiten deze periode kan het getest worden. Behandeling PPID De ziekte van Cushing is weliswaar nog niet te genezen, maar met medicatie kunnen de negatieve gevolgen langdurig en effectief worden voorkomen. Deze medicatie zorgt ervoor dat de hormoonproductie in de hypofyse wordt geremd, waardoor hoefbevangenheid, sloomheid en vachtveranderingen worden voorkomen. Daarnaast is het aanpassen van het management een belangrijke schakel in de bijdrage aan een lange levensduur van een paard met PPID. Hierbij moet je vooral denken aan het aanpassen van de voeding en weidegang. Een bijwerking van de medicatie kan een verminderde eetlust zijn. Dan kan het maar zo zijn dat je paard of pony van de een op andere dag een bepaald voer niet meer wil eten. Het is dan even zoeken naar iets dat weer graag gegeten wordt en zo suikerarm mogelijk is. Cushing en voeding Wanneer je paard Cushing heeft, is hij of zij door de verstoorde suikerstofwisseling extra gevoelig voor suikers. Het advies is daarom om je ruwvoer te laten analyseren op tenminste suikergehalte. Dit heel eenvoudig met de Pavo Ruwvoer Quickscan. Als blijkt dat het ruwvoer, wat verreweg het grootste aandeel van het totale rantsoen is, een hoge suikerwaarde bevat, kan dit reden zijn om over te stappen op een andere (suikerarme) partij ruwvoer. Als er extra aanvulling nodig is, kies je ook hier voor een suikerarm krachtvoer, zoals Pavo 18Plus gecombineerd met suikerarme Pavo SpeediBeet. Wat weidegang betreft, moet je ook rekening houden met suikers en dus het fructaan in het gras.
Lees meer 2m
Voeding en training
Paarden en warm weer: 10 tips bij hitte
Paarden kunnen goed met warmte omgaan, maar extreme warmte kan gevaarlijk zijn voor paarden. Dehydratie, sloomheid en algehele malaise kunnen het gevolg zijn van oververhitting. Ernstige hittestress kan diarree of zelfs koliek veroorzaken, dus voor de gezondheid van je paard is het belangrijk dat je op warme dagen enkele maatregelen treft. Tips paarden en warm weer Met deze 10 tips help je je paard het hoofd koel te houden bij warm weer! 1. Pas je weideschema aan Als je paard iedere dag een aantal uren buiten loopt, pas dan de tijden aan. Bij voorkeur ’s nachts naar buiten, overdag binnen. Als dat niet mogelijk is, probeer de weidegang dan zo vroeg mogelijk in de ochtend te organiseren. 2. Zorg voor schaduw Een schuilstal verdient de voorkeur, maar een bomenrij kan ook schaduw geven. Als dat niet aanwezig is, kun je overwegen om een partytent in de paardenwei te plaatsen, zodat je paard de mogelijkheid heeft om de schaduw op te zoeken. 3. Laat de lucht bewegen Een ventilator is een prima hulpmiddel om lucht te laten circuleren in de stal, maar gebruik ze met beleid. Een paard mag absoluut niet in de buurt kunnen komen van de ventilator zelf en pas ook op voor snoeren! 4. Zorg voor voldoende koel water Onbeperkte toegang tot vers, schoon en koel water is noodzaak. Ijskoud water is niet nodig, paarden drinken het liefst water van 15-20 graden.Zorg voor waterbak met voldoende omvang, in een kleine bak wordt het water snel warm. 5. Stimuleer drinken Als je paard erg weinig drinkt kun je overwegen om het hooi te besproeien met licht zout water. De zoute smaak zorgt er namelijk voor dat je paard meer gaat drinken. 6. Geef elektrolyten Onder warme omstandigheden, waarbij je paard veel zweet, heeft het lichaam elektrolyten nodig voor een goede vochtbalans. Met zweten verliest je paard namelijk ook veel lichaamszouten, zoals natrium en kalium. Met Pavo E'lyte of Pavo ReHydrate kan je dit eenvoudig aanvullen. Zorg wel dat er altijd voldoende drinkwater beschikbaar is! Pavo E’lyte is een volledig elektrolytensupplement gemaakt van kleine brokjes (hagelslagkorrels). Het bevat alle benodigde lichaamszouten (elektrolyten) in de juiste onderlinge verhoudingen. Vooral de verhoudingen zijn belangrijk voor een goede aanvulling en opname! Pavo ReHydrate is een sportdrank (vloeibaar dus) voor de echte topsporters! Het is een geconcentreerde sportdrank met elektrolyten én glucose, die er samen voor zorgen dat je paard snel herstelt na een zware inspanning. Lees hier meer over de verschillen tussen Pavo E’lyte en Pavo ReHydrate en wanneer je elektrolyten moet aanvullen. 7. Werk rustiger dan normaal Hoewel paarden prima met warmte kunnen omgaan, is het niet prettig voor een paard om bij extreme temperaturen zeer zwaar werk te doen – dat zou je zelf ook niet fijn vinden. Als je niet op het absolute topniveau rijdt, neem het werk dan terug of verdeel het over twee korte sessies in de ochtend en de avond als de temperaturen wat zijn gedaald. Tip: haal na het rijden zo snel mogelijk alles van je paard af (zadel, evt. peesbeschermers etc.), zodat de warmte weg kan. 8. Lekker afkoelen met water Net als dat wij met warm weer graag afkoelen in het water, is dat voor paarden ook fijn. Even lekker afspuiten na het rijden of tussen de weidegang door zal voor de nodige verkoeling zorgen. Begin wel altijd met afspuiten bij de benen en werk van daaruit naar boven om je paard niet te laten schrikken en hem de kans te geven om aan het water te wennen. 9. Voorkom dat je paard verbrandt door de zon Een vliegendeken is heel fijn voor paarden als het warm is. Het geeft een soort ‘schaduweffect’ en het reflecteert de zon, waardoor het wat koeler is. Het werkt dus niet alleen tegen vliegen, maar ook tegen verbranden. Een lichte neus en andere haarloze plaatsen kun je insmeren met sunblock. 10. Scheer paarden met een extreem dikke vacht Paarden met PPID (Cushing) of pony’s met een lange vacht kunnen zichzelf veel beter koelen als je ze een handje helpt door de dikke vacht eraf te scheren.
Lees meer 2m
Voeding en gezondheid
Giftige planten voor paarden
In sommige weides groeien niet alleen planten die gezond zijn voor je paard, maar ook planten die grote gevaren kunnen vormen. Over het algemeen weten paarden heel goed welke planten giftig zijn vanwege hun bittere smaak, maar in sommige gevallen eten ze het toch. Momenteel zijn er ongeveer 80 (!) Europese plantensoorten die giftig zijn voor paarden. Deze giftige planten kunnen verschillende symptomen veroorzaken.​ Hoe kun je je paard beschermen tegen giftige planten? De beste veiligheidsmaatregel is in de eerste plaats dat je je paard niet laat grazen in een weide die je niet vooraf nauwkeurig hebt geïnspecteerd. De meeste giftige planten smaken erg bitter waardoor paarden deze planten meestal niet zo snel opeten. Wanneer er te weinig gras in de wei staan en/of het paard te weinig ruwvoer tot zijn beschikking heeft, kan het toch voorkomen dat het andere planten op gaat eten die hij niet zo lekker vindt en mogelijk giftig zijn. Daarbij ontwikkelen sommige planten alleen een giftige smaak op het moment dat de plant volledig volgroeid is. Ook verliezen giftige planten hun bittere smaak als ze gedroogd zijn. Dit zorgt ervoor dat je paard de giftige planten niet altijd als zodanig herkent, terwijl de werking van de gifstoffen niet verloren gaat. Daarom is snoeiafval ook altijd zo gevaarlijk om aan je paard te geven, maar ook hooi waarvan het grasland niet is gecontroleerd op giftige planten. Geef dus nooit snoeiafval aan je paard en communiceer dit ook met eventuele buurtbewoners en koop nooit hooi van een onbetrouwbare bron of van bermgras! Heb je een giftige plant in de paardenweide ontdekt? Haal deze dan zo snel mogelijk weg. Let erop dat je hem met wortel en al uit de grond trekt. Vergeet ook niet dat giftige planten verschillende bloeiperiodes hebben en niet altijd op één plaats blijven staan, maar soms ook in het weiland ‘zwerven’. Een eenmalige weidecontrole is dan ook niet voldoende. Het is belangrijk om dit regelmatig te doen. Wanneer er giftige bomen of struiken in de buurt van het weiland staan, is het verstandig om ervoor te zorgen dat de paarden hier niet bij kunnen en in de periode dat ze hun bladeren of vruchten loslaten, de weide (deels) wordt afgezet. Tip: Zorg ervoor dat je paard tijdens een buitenrit geen onbekende planten oppikt tijdens het rijden. In een werkende staat zijn paarden afgeleid en kiezen hierdoor minder selectief of instinctief hun voedsel. Dit vergroot de kans op vergiftiging! Paarden en jacobskruiskruid Eén van de bekendste giftige planten voor paarden is jacobskruiskruid. Deze plant groeit voornamelijk van juni tot oktober zeer goed op een kleiachtige bodem die is verrijkt met stikstof. Jacobskruiskruid verliest na het drogen zijn giftigheid niet! Belangrijk dus om ook je hooi goed op dit kruid te controleren. Zodra een paard jacobskruiskruid heeft binnengekregen, is schade aan de lever een van de belangrijkste symptomen. De schade aan de lever wordt veroorzaakt door de alkaloïden uit de plant. Ook apathie, depressie, verlies van eetlust en gewichtsverlies zijn herkenbare symptomen van een jacobskruiskruidvergiftiging. Is jacobskruid dodelijk voor paarden? Als een paard over een langere periode jacobskruiskruid binnenkrijgt, kunnen kleine hoeveelheden al grote gevolgen hebben. Jacobskruiskruid is dodelijk wanneer een volwassen paard 14 kg vers of 2 kg droog jacobskruiskruid eet. Voor een kleine pony geldt 4kg vers of 0,5 kg droge plant. Oppassen geblazen dus! Paarden en heermoes Heermoes, ook wel paardenstaart genoemd, is voor paarden een zeer giftig onkruid dat leeft op vochtige plaatsen en bloeit in de maanden april en mei. De Belangrijke symptomen van een heermoesvergiftiging zijn: verhoogde prikkelbaarheid, wankelen, verlamming van de achterhand, schrikachtig en omvallen. Deze symptomen worden veroorzaakt door de giftige stof thiaminase in heermoes. Deze stof breekt vitamine B1 af in het lichaam van het paard. Heermoes is in gedroogde vorm minder giftig dan in de weide, maar kan desondanks toch ernstige schade aanrichten. Ook hier is goed controleren van je hooi dus belangrijk! Welke planten zijn nog meer giftig voor paarden? Naast jacobskruiskruid en heermoes zijn nog veel meer plant- en boomsoorten giftig voor paarden en worden er constant ook nieuwe planten aan deze lijst toegevoegd. Over het algemeen kan je bomen en struiken die in de winter groen blijven, scharen onder de giftige soort, maar er zijn er natuurlijk nog veel meer. Als je het hebt over zeer giftige planten bij een kleine hoeveelheid dan zijn de buxus, taxus en esdoorn zeker belangrijke om goed in het oog te houden. In een minder mate giftig, maar zeker niet geschikt voor consumptie door paarden zijn onder andere de volgende planten en bomen: Acaciaboom Adelaarsvaren Azalea Bastaardklaver Belladonna Berenklauw Beuk   Bitterzoet Blauwe monnikskap Boterbloem Brem Datura Eik Gevlekte en waterscheerling Gouden regen Herfsttijloos Hondsdraf Klaproos Klimop Levensboom Liguster Nachtschade Narcis Rhodondendron Robinia Oleander Pieris Smeerwortel Vingerhoedskruid Wolfsmelk Zwarte bilzekruid Let op: dit is geen complete lijst. Ons advies bij twijfel aan de giftigheid van een plant of boom om deze uit voorzorg niet door je paard te laten eten. Wat te doen als je paard een giftige plant heeft gegeten? Helaas is vergiftiging door planten bij paarden niet ongewoon en ook niet altijd 100% te voorkomen. Na vergiftiging kunnen er verschillende verschijnselen optreden, afhankelijk van de hoeveelheid en het type gif. Belangrijke symptomen waaraan je een vergiftiging kunt herkennen zijn: spijsverteringsproblemen, zwelling, huidirritatie, kortademigheid, tremoren, koliek, sterke speekselvloed, evenwichtsstoornissen, verlamming of overlijden. In geval van een acute vergiftiging reageert een paard meestal onmiddellijk na consumptie van het gif, bij een chronische vergiftiging hoopt het gif zich op in het lichaam van het paard en worden tekenen van de ziekte geleidelijk aan zichtbaar. Als je ziet of vermoed dat je paard een giftige plant heeft opgegeten, moet je onmiddellijk de dierenarts bellen. Het is belangrijk voor diagnose en behandeling dat je weet welke plant en hoeveel je paard daarvan heeft gegeten. De dierenarts kan zo snel starten met de juiste behandeling. Tip: Het is belangrijk dat je bekend bent met de namen en het uiterlijk van giftige planten en bomen, zodat je ze kunt herkennen en je paard kunt beschermen. Je kunt eventueel een poster maken met de afbeeldingen van de giftige plant en de juiste naam erbij. Hieronder een aantal afbeeldingen van de veelvoorkomende plant- en boomsoorten die zeer giftig zijn voor paarden.
Lees meer 3m
Voeding en training
Elektrolyten voor paarden: wanneer moet je zout aanvullen?
Vooral in de zomermaanden als het lekker warm is, verliezen paarden veel zout via zweet. Niet alleen bij sportpaarden, ook een flinke buitenrit kan al een zouttekort opleveren. Maar hoeveel zout heeft een paard dan precies nodig?​ En wanneer en hoe kun je dit het best aanvullen? Het belang van zweten Paarden kunnen goed met warm weer omgaan, omdat ze de hitte kwijt kunnen door te gaan zweten. Zweten is nodig om af te koelen. Zweet vormt een laagje vocht dat verdampt, waardoor de lichaamstemperatuur daalt. Als zweten niet lukt, bijvoorbeeld omdat een paard te weinig vocht in zijn lichaam heeft, raakt hij oververhit. Als een paard zweet dan verliest hij daarmee niet alleen vocht, maar ook lichaamszouten, oftewel elektrolyten. Deze elektrolyten spelen een belangrijke rol in de waterhuishouding van het paard en maken het zelfs mogelijk dat het paard kan zweten. Door te drinken wordt het vocht weer aangevuld, maar hoe zit dat met de zouten? Wat zijn elektrolyten? Mensen krijgen vaak te veel zout binnen, maar bij paarden is dit in de meeste gevallen niet zo. Vooral in de zomermaanden als het lekker warm is, gaan er veel lichaamszouten verloren via het zweet. Het paard verliest dan voornamelijk natrium, kalium, chloride, calcium en magnesium. Het eiwit dat ook in paardenzweet zit, vormt een laag op de vacht, waardoor de verdamping wordt gestimuleerd. Bij veel paarden is dit te herkennen door het witte schuim tijdens het zweten bij wrijving op de hals en tussen de benen. Zoveel zweet verliest je paard per dag Zweet- score Wat zie je aan je paard Zweetverlies gem. paard Zoutverlies per dag 1 Onder het zadel is het nog gedeeltelijk droog en deels vochtig en plakkerig. De hals is plakkerig en de flanken zijn iets donkerder dan normaal. 1-4 liter 2-7 theelepels 2 Onder het zadel en op de hals is het nat. Hier en daar schuim langs het zadel, waar de teugels de hals raken en tussen de achterbenen. 4-7 liter 7-12 theelepels 3 Onder het hoofdstel, op de hals en de flanken is het paard zichtbaar nat met hier en daar schuimplekken. 7-9 liter 12-16 theelepels 4 Hals en flanken zijn helemaal nat. Natte plekken boven de ogen. Wit schuim tussen de achterbenen. 9-12 liter 16-21 theelepels 5 Zie zweetscore 4 en er druppelt zweet van boven de ogen en de buik. 12-18 liter 21-32 theelepels Bron: Zeyner et al 2013; Weight losses in excercised horses, a pilot study  Elektrolyten aanvullen Bij een tekort aan elektrolyten kan het paard minder goed vocht opnemen en vasthouden waardoor het paard dus gaat uitdrogen. Ook vermindert de elasticiteit van de huid en gaat het uithoudingsvermogen achteruit, waardoor je paard sloom en lusteloos wordt. Bij een temperatuur van rond de 20 graden raakt het paard bij lichte arbeid ongeveer vier liter vocht en 30 gram zout per uur kwijt. Door voldoende te drinken vult het paard het vocht weer aan. Het aanvullen van de zouten is echter een ander verhaal. In ruwvoer zit maar weinig zout. Omdat vooral sportpaarden vaak een verhoogde zoutbehoefte hebben, hebben wij hier in onze sportproducten rekening mee gehouden door het gehalte natrium en magnesium te verhogen. Ondanks deze verhoging is het raadzaam om een elektrolytensupplement bij te voeren als je fanatiek met je paard aan het trainen bent en deze veel zweet. Met het toevoegen van keukenzout of tafelzout wordt enkel natrium en chloride aangevuld en dus niet alle elektrolyten die verloren gaan met hevig zweten.  Een zoutblok of liksteen kan ook zout aanvullen, al is gebleken dat de opname van het zout hiervan erg varieert. Het geven van een elektrolytensupplement speciaal voor paarden, zoals Pavo E’lyte of Pavo ReHydrate, is dan een betere oplossing. Deze voedingssupplementen bevatten niet alleen natriumchloride, maar ook andere lichaamszouten die je paard door het zweten verliest. Pavo E'lyte is een elektrolytensupplement en Pavo ReHydrate is een sportdrank met elektrolyten én glucose, wat ervoor zorgt dat je paard snel herstelt na een zware training of wedstrijd. Lees hier meer over de verschillen tussen Pavo E'lyte en Pavo Rehydrate. Wanneer moet je extra zouten aanvullen? Geef niet standaard dagelijks zout, alleen bij warm weer of flinke inspanning. Door de elektrolyten vóór de training of wedstrijd te geven, kan je paard hier optimaal van profiteren en voorkom je dat hij al met een eventueel tekort begint. Voor overdosering hoef je niet direct bang te zijn, omdat een teveel gewoon uitgeplast wordt, al kan een dagelijks flinke hoeveelheid zout wel het ontstaan van maagzweren bevorderen of bestaande zweren verergeren. Vergeet niet om je paard altijd te voorzien van onbeperkt vers water! Door het extra zout krijgt je paard meer dorst en is het belangrijk dat het kan drinken om uitdrogingsverschijnselen te voorkomen. Tips bij warm weer Het geven van elektrolyten is niet altijd voldoende bij extreme hitte, hierbij nog een paar extra tips: Pas het weideschema aan ​Zorg ervoor dat je paard niet tijdens het warmste moment van de dag in de volle zon staat. Zet je paard bijvoorbeeld ’s nachts of zo vroeg mogelijk in de ochtend buiten. Indien dit niet kan zorg dan voor voldoende schaduw in de wei in de vorm van een schuilstal of bomen. Zonnebrand  Paarden of pony's met lichte neuzen verbranden erg snel hun neus, dit kan erg pijnlijk zijn. Goed smeren met zonnebrandcrème dus! Voer extra bij Door de warmte kan het gras er heel droog en geel uit gaan zien. De voedingswaarde in het gras is dan niet erg hoog. Geef dan extra hooi of ruwvoervervangers, zoals Pavo DailyPlus (ruwvoermix) of SpeediBeet (ontsuikerde bietenpulp) bij, of ga voor een grasbrok, zoals Pavo FibreNuggets. Verveelt jouw paard zich snel en wil je hem van wat extra bezigheid voorzien? Voer dan 2 Pavo HayChunks per dag. Dit zijn gezonde ruwvoersnacks.   Het bijvoeren van extra vitaminen en mineralen, zoals Pavo Vital of een Pavo DailyFit koek, raden wij altijd aan wanneer verder geen krachtvoer wordt gegeven. Bijkomend voordeel: ruwvoeders die je geweekt kan voeren, zoals Pavo SpeediBeet en Pavo FibreBeet, zorgen er tegelijkertijd ook voor dat je extra vocht aan je paard geeft! Zorg voor voldoende koel water ​Een volwassen paard van rond de 600 kg kan tijdens het warme weer wel 40 tot 60 liter per dag drinken. Zorg dus altijd voor voldoende vers drinkwater en maak met warm weer het liefst dagelijks de waterbak schoon. Let er wel op dat je paard na het rijden niet ineens te veel koud water drinkt, dit geeft kans op koliek. Pas de training aan  Het is niet prettig om bij extreme temperaturen zwaar te trainen. Door vroeg in de morgen of laat in de avond te rijden, ontlast je het lichaam. Lukt dit een keertje niet, zorg dan dat je het paard goed afkoelt nadien. Bekijk video: wanneer moet ik elektrolyten aanvullen?
Lees meer 4m
Voeding en training
Paardenvoer bij weidegang aanpassen
In het voorjaar begint het typische weideseizoen voor paarden. Het verse gras dient in deze periode als belangrijke voedselbron. Om problemen te voorkomen is het van belang om het rantsoen van je paard hier tijdig op aan te passen. Weidegang opbouwen Paarden hebben een gevoelig verteringsstelsel. Veranderingen in het voerrantsoen moeten daarom altijd geleidelijk worden doorgevoerd. Dat geldt ook voor de overgang van stal naar weide. Als die te snel gaat, kunnen problemen ontstaan, zoals diarree of hoefbevangenheid.  Bij normale paarden is het advies om met 20% per dag het oude te verminderen en de nieuwe situatie te vermeerderen. Bij paarden waarvan bekend is gevoelig te zijn voor suiker elke dag 10%.  In het voorjaar is gras energie-, eiwit- en mogelijk ook suikerrijk. Je hoeft dan minder energie en eiwit bij te voeren. Vaak kun je de hoeveelheid krachtvoer verminderen of zelfs helemaal afbouwen en op een aanvulling van dagelijkse vitaminen en mineralen overgaan, ook wel bekend als een balancer. Bij de keuze voor het juiste voer spelen de behoefte van je paard en het type weide de hoofdrol. Laten we eens kijken wat zoal mogelijke scenario’s zijn. Waar let je op bij paardenvoer naast weidegang? Voordat je je afvraagt welk paardenvoer het meest geschikt is bij weidegang, is het eerst belangrijk om je te beseffen  hoeveel en wat voor voer je paard al opneemt als hij in de wei aan het grazen is.Hiervoor kijken we naar het aantal uren dat je paard op de weide staat en het type weide. Aantal uren In tegenstellig tot hooi, is gras veel 'natter' en bestaat dit voor maar liefst 85% uit water. Om deze reden moet je altijd rekenen vanuit drogestof, oftewel het gras dat overblijft als je al het vocht eruit zou halen. Op een gemiddeld weiland eet een paard van 600 kg ongeveer 5.1 kg gras per uur. Als je de 85% aan water hier afhaalt, blijft er gemiddeld 760 gram droge stof over die per uur wordt opgenomen. Ervan uitgaande dat jouw paard elke dag 5 uur op de weide staat, krijgt hij hiermee gemiddeld 5.1 kg gras x 5 uur = 25.5 kg gras binnen. Als we hier het gedeelte water van afhalen, resulteert dit in gemiddeld 3,8 kg drogestof-opname dat jouw paard al binnenkrijgt door weidegang. De minimale drogestof-opname per dag is 1,5% van het lichaamsgewicht van je paard: voor een volwassen paard van 600 kg komt dat dus neer op 9 kg. Het is belangrijk dat je deze gegevens meeneemt tijdens het samenstellen van het rantsoen voor jouw paard! Type weide Naast het aantal uren dat je paard per dag op de wei staat, is ook het type wei van groot belang. Een rijke, groene wei met dichte grasvelden bevat meestal veel energie, suiker en eiwitten, maar weinig structuur. Paarden die  op zulke type weiden staan, hebben een ander aanvullend rantsoen nodig dan paarden op een arme, kale, structuurrijke weide. Tot slot is het ook belangrijk hoeveel paarden een weide moeten delen. Paarden voeren bij weidegang Het is dus van verschillende factoren afhankelijk welk paardenvoer het meest geschikt is bij weidegang. Kijk bij de keuze voor het juiste paardenvoer goed naar zowel het typeweide als de behoeften van het paard. Hieronder schetsen we een aantal situaties met daarbij een voeradvies. 1. Mijn paard heeft geen aanvulling van krachtvoer nodig Krachtvoer geven is niet altijd nodig. Als het rantsoen volledig uit ruwvoer, zoals gras, hooi of voordroog bestaat, is het wel een idee om dat aan te vullen met vitaminen en mineralen. Alleen ruwvoer bevat daar niet genoeg van om in zijn dagelijkse behoeften te voorzien. Zo’n aanvulling is bijvoorbeeld verkrijgbaar als brokjes of als koek. Ook als je paard minder dan 1,5 kg of je pony minder dan 0,75 kg brok of muesli per dag krijgt, is een aanvulling met vitaminen en mineralen aan te raden.  Voeradvies: kies in dit geval voor Pavo Vital of Pavo DailyFit. Pavo Vital is een dagelijkse balancer: een melasse- en graanvrij brokje met alle vitaminen en mineralen die je paard nodig heeft. Staat jouw paard 24/7 op de wei? En vind je het geven van een brokje op de wei lastig? Probeer dan Pavo DailyFit: een smakelijke koek met één dagdosis vitaminen en mineralen, maar dan zónder de energie en calorieën die in krachtvoer zitten. Tip: Geef je jouw paard minder dan 1,5 kg en/of pony minder dan 0,75 kg brok of muesli per dag? Ook dan is aanvulling van een vitaminen en mineralenbalancer, zoals Pavo Vital of Pavo DailyFit noodzakelijk. 2. Mijn paard kan wel wat extra's gebruiken Alleen wanneer je paard onvoldoende energie en/of eiwit binnenkrijgt om op gewicht te blijven en het werk vol te houden, is het een goed idee om krachtvoer of ruwvoervervangers bij te voeren. Voor paarden die recreatief worden gereden en/of actief zijn in de basissport, is een dagelijkse muesli of brok met weinig suiker en zetmeel en een lage energiewaarde een goede aanvulling. Voeradvies: Pavo Nature’s Best is een dagelijkse, havervrije gezondheidsmuesli met zeer weinig suiker en zetmeel. De perfecte aanvulling voor paarden die recreatief gereden worden en actief zijn in de basissport. Als je liever een brok voert, kun je kiezen voor Pavo Condition: onze structuurrijke onderhoudsbrok voor alle paarden en pony’s in lichte sport. 3. Mijn paard staat op een arme, kale weide Een andere mogelijkheid is dat in de wei weinig gras staat en je paard een hogere behoefte aan eiwit heeft, bijvoorbeeld als jullie fanatiek zijn in de sport of de merrie drachtig is of een veulen zoogt. Een kale weide heeft dan niet genoeg te bieden en dat maakt een eiwitaanvulling nodig. Dit kan zowel via een ruwvoervervanger als via krachtvoer. Je kunt afhankelijk van je paard en je situatie kiezen voor een ruwvoervervanger op basis van bijvoorbeeld luzerne als eitwitrijke ruwvoeraanvulling. Paarden die hard moeten werken of voor paarden die gras of hooi krijgen met een laag eiwitgehalte hebben meer baat bij een eiwitrijke muesli. Dit moet dan wel blijken uit de ruwvoeranalyse. Als je precies weet wat in het ruwvoer zit dat je geeft, kun je gericht aanvullend voeren. Een speciale merriebrok ondersteunt een drachtige of lacterende merrie met extra eiwitten en geeft het veulen essentiële voedingsstoffen mee. Voeradvies: Pavo FibreBeet is een ruwvoervervanger en bestaat uit een mix van ontsuikerde bietenpulp en luzerne. De kwalitatief hoogwaardige eiwitten uit luzerne maakt FibreBeet de ideale eiwitrijke ruwvoeraanvulling voor paarden op een schrale weide. Pavo Topsport is een muesli topping met een hoge concentratie eiwitten en ideaal voor paarden die hard moeten werken of voor paarden die gras/hooi krijgen met een laag eiwitgehalte. Geef dagelijks Pavo TopSport om extra eiwitten te geven aan je paard. Lees hier meer over eiwitten in paardenvoer en welk krachtvoer daar het beste bij past. 4. Mijn paard staat doorgaans op een rijke wei  Zo’n rijk, groen weiland bevat veel energie, eiwitten en suiker. Het is dan raadzaam om weidegang te beperken, bijvoorbeeld tot een paar uur per dag. Je kunt je paard daarnaast extra ruwvoer voeren met een laag suikergehalte. Dit is zeker een goed idee als je paard gevoelig is voor suiker, ook wel fructaan genoemd, hoefbevangen is (geweest) of hiernaar neigt. Een tip voor dit type paarden is een ruwvoervervanger bestaande uit ontsuikerde bietenpulp met een laag suikergehalte en zonder zetmeel of een structuurrijke grasbrok met ook een laag suiker- en zetmeelgehalte.  Voeradvies: heb je zelf niet de beschikking over (voldoende) ruwvoer met een laag suikergehalte? Pavo SpeediBeet is een ruwvoervervanger bestaande uit ontsuikerde bietenpulp en bevat geen zetmeel en slechts 5% suiker. Een andere optie is de ruwvoervervanger Pavo FibreNuggets. Een structuurrijke grasbrok gemaakt van 100% weidegras en met een laag suiker- zetmeelgehalte. Tip: Is je paard gevoelig voor suiker? Zet je paard dan ‘s morgens niet in de wei. In de ochtend bevat gras namelijk het meeste suiker, ook wel fructaan genoemd.  Maak ook je paardenweide klaar voor het weideseizoen Het is belangrijk dat je niet alleen je paard, maar ook de paardenweide voorbereidt op het weideseizoen. Met deze tips maak jij je paardenweide klaar voor het weideseizoen: Eenmaal in de 10-15 jaar moet grasland vernieuwd worden, dit kan door opnieuw inzaaien of doorzaaien. Gebruik zowel bij inzaaien als doorzaaien altijd een graszaadmengsel dat geschikt is voor paarden, zoals Pavo Paardengraszaad. Een koeienwei is namelijk heel anders dan een paardenweide, o.a. vanwege de voedingswaarde, het groeipunt van de grasplant en de zode. Lees hier meer over het verschil tussen een paarden- en koeienwei.  Wissel het beweiden van de grasmat regelmatig af met maaien. Het is niet de leukste klus, maar wel belangrijk: schep dagelijks de mest uit de paardenwei om de infectiedruk van de wormen te verminderen. Bij een gezonde paardenwei hoort een goede onderhoudsbemesting. ‘Normale’ kunstmest die veel voor koeienweides wordt gebruikt, bevat stikstof die binnen tien dagen vrijkomt. Het gras krijgt hierdoor een enorme groeispurt wat voor onze paarden niet wenselijk is. Gebruik daarom een meststof speciaal voor paardenweides, waarbij de stikstof langzaam vrijkomt en het gras gelijkmatig kan groeien, zoals Pavo FieldCare. Na het strooien van Pavo FieldCare kunstmest moet het minstens één keer goed geregend hebben, zodat de mestkorrels mooi op de bodem liggen. Daarna kunnen de paarden weer lekker naar buiten!
Lees meer 5m
Voeding en training
Voeding en tips voor snelle spieropbouw bij je paard
Zowel voeding als training heeft een grote invloed op het functioneren van de spieren. Maar hoe werken spieren nou eigenlijk? Welke voedingsstoffen hebben daar allemaal invloed op? En wat kun jij doen om je paard extra te ondersteunen bij het opbouwen van spieren? Hoe werken spieren? Om erachter te komen hoe spieren werken en hoe je de opbouw ervan kunt stimuleren, is het belangrijk om eerst te weten hoe spieren zijn opgebouwd. Dus hier komt een klein lesje biologie: spieren zitten door middel van pezen vast aan botten en zijn opgebouwd uit vezels. Deze vezels bestaan uit eiwitten. Een spier is opgebouwd uit dikke en dunne vezels. De dunne vezels (actine) hebben een soort van denkbeeldige openingen en lijken daarmee een beetje op een olijf. Over deze openingen ligt een draad (tropomyosine) die ervoor zorgt dat er niets met de openingen van de dunne spiervezels kan binden. Deze tropomyosine-draden zitten aan elkaar vast via een complex: het troponine-complex. Dit complex houdt de tropomyosine-draden als het ware op zijn plek. Bron: Pearson Education, 2018 Onder invloed van verschillende ingewikkelde reacties wordt er via een zenuwcel een boodschap achtergelaten bij de spiercel. Deze impuls zorgt ervoor dat er calcium wordt vrijgelaten. De calciumionen reageren vervolgens met het troponine-complex, waardoor de draden verschuiven. De openingen waar deze draden overheen lagen, komen nu bloot te liggen. Onder invloed van een energieomzetting vanuit de spiercel koppelen uitsteeksels van de dikke spiervezels (myosine) met de openingen in de dunne spiervezels (actine). Er ontstaat nu een gelijksoortig systeem als wanneer een aanhanger achter een auto wordt gekoppeld. Door verschillende energieomzettingen verschuift de dunne spiervezel (actine). Hierdoor bewegen spieren. Door opnieuw te binden met een energiemolecuul laat de koppeling tussen de dikke en de dunne spiervezel los. Alles schuift weer terug op zijn plek, en de cyclus kan opnieuw beginnen. Tips voor extra spieropbouw bij paarden Het is goed om te beseffen dat een paard nooit méér spieren kan krijgen; de hoeveelheid spiercellen is genetisch vastgelegd. Spieren kunnen echter wel dikker worden. Door training worden spiercellen aangezet tot opslag van meer energie, zodat de spiermassa toeneemt en de prestaties en het uithoudingsvermogen van je paard zal toenemen. 1. Pas het eiwit aan op de behoefte Eiwitten zijn de bouwstenen voor spieren, eigenlijk voor alle weefsels in het lichaam. Een veelgemaakte denkfout is dat paarden die niet voldoende spieren ontwikkelen een overdosis aan eiwitten moeten ontvangen, terwijl het juist heel belangrijk is om de eiwitgift van je paard af te stemmen op de behoefte. Wanneer eiwit door overdosering niet wordt gebruikt als bouwstof, kan een paard het wel gebruiken als energie. Dit is niet direct schadelijk, maar ook niet erg efficiënt. Een teveel aan eiwit wordt via de nieren uitgescheiden als ammoniak, wat belastend is voor de stal, het milieu en paarden met luchtwegproblemen. Tip: ben je niet bekend met de eiwitgehalten uit jouw ruwvoer? Doe dan de Pavo Ruwvoer Quickscan! Hoeveel eiwit je paard nodig heeft, verschilt per type arbeid en of een paard bijvoorbeeld drachtig is (geweest). Lees hier meer over eiwitten in paardenvoeding en de gemiddelde behoefte. 2. Trainingsschema voor spieropbouw Training en conditie spelen een cruciale rol in de opbouw van spieren. Belangrijk is dat de training langzaam wordt opgebouwd en je voldoende afwisseling houdt. Door een goede conditie van je paard verhoog je namelijk het aandeel energiebronnen in de spier dat ervoor zorgt dat je paard langer kan werken zonder te verzuren. Tips voor bij de training: Begin je training altijd met een goede warming-up en sluit af met een cooling-down. Zorg voor voldoende afwisseling tussen aanspannen en ontspannen in de training. Denk hierbij aan zwaardere oefeningen af te wisselen met wat gemakkelijkere en regelmatig pauzes en even lekker de hals laten strekken. Geef je paard regelmatig vrije dagen tussen de trainingen door, zodat hij goed de tijd heeft om te herstellen.  Voeding en supplementen bij spieropbouw Belangrijke voedingsstoffen/ nutriënten die kunnen bijdragen aan spieropbouw zijn in de eerste plaats eiwitten. Eiwitten bestaan weer uit kleine bouwsteentjes, genaamd aminozuren. Er bestaan zowel essentiële als niet-essentiële aminozuren. Niet-essentiële aminozuren kan het paardenlichaam zelf aanmaken, maar essentiële aminozuren niet. Deze moet een paard via voeding binnenkrijgen. Essentiele aminozuren voor paarden zijn: Lysine Methionine Leucine Isoleucine Phenylalanine Threonine Tryptofaan Histionine Valine   L-Carnitine is een aminozuurcomplex dat energieomzetting in spiercellen verbetert. Carnitine transporteert vetzuren vanuit de bloedbaan naar de mitochondriën, dit zijn de energiecentrales van een spiercel. Daar worden de vetzuren als energie verbruikt. Vitamine D3 zorgt juist voor het vergroten van de activiteit in de mitochondria en is hierdoor van invloed op de spiervermoeidheid. Beta-alanine (β-alanine) is een niet-essentieel-aminozuur dat een onderdeel is van carnosine. Dit ondersteunt de buffercapaciteit van de spieren tegen melkzuur. Door het toevoegen van β-alanine aan de voeding kan het lichaam meer carnosine aanmaken en zo verzuring van de spieren vertragen. Carnosine is een stof die de afvalproducten van energieomzetting kan tegen houden. Hierdoor kan je paard intensieve arbeid langer en gemakkelijker volhouden.   Vitamine E, selenium en vitamine C zijn krachtige antioxidanten. Ze oefenen hun functies uit in de cel waarbij ze vrije radicalen neutraliseren. De drie werken gezamenlijk efficiënter dan alleen. Vooral in de rode bloedcel hebben deze drie een belangrijke functie. In de rode bloedcel worden namelijk erg veel vrije radicalen geproduceerd bij de overdracht van zuurstof. Het supplement Pavo MuscleBuild bevat het uit de bodybuilderswereld bekende weipoeder, dat een aantal zeer belangrijke aminozuren bevat voor spieropbouw. Vitamine D3 helpt tegen spiervermoeidheid, terwijl L-carnitine is toegevoegd voor de verbetering van de energieomzetting in de spiercellen. Daarnaast bevat Pavo MuscleBuild de natuurlijke CellProtect antioxidanten voor het neutraliseren van de vrije radicalen. Vrije radicalen zijn afvalstoffen die vrijkomen bij het verbruik van brandstof. Deze stoffen kunnen schade toebrengen aan cellen en weefsels. Pavo MuscleCare, met hierin β-alanine en vitamine E, draagt juist bij aan verzorging van de spieren. Pavo Eplus doet dit ook maar dan op basis van vitamine E, vitamine C en selenium. Hoe vookom je spierverzuring? Beweging wordt mogelijk gemaakt door een samenwerking tussen pezen, banden en spieren. Spieren zijn het meest flexibel van deze groep. Wanneer de training van een paard heel snel wordt opgebouwd bestaat er een kans dat de spieren trekken aan de banden en pezen doordat deze minder flexibel zijn. Wanneer een spier heel hard moet werken bestaat er ook een kans op verzuren. Bij zware inspanning heeft een spier extra energie nodig. Om aan energie te komen wordt er brandstof verbruikt. In een spiercel kunnen twee soorten verbranding plaatsvinden: anaerobe verbranding (verbranding zonder zuurstof) en aerobe verbranding (verbranding met zuurstof). Het verbruik van brandstof geeft afvalstoffen, beide verbrandingen geven andere afvalstoffen. Verzuring treedt enkel op wanneer er anaerobe verbranding in de spier plaatsvindt, niet wanneer er aerobe verbranding plaatsvindt. Naar mate een paard meer uithoudingsvermogen krijgt door middel van training, wordt het aandeel anaerobe verbranding in de spier lager en het aandeel aerobe verbranding hoger. Een product als Pavo MuscleCare helpt het paard bij het versnelt afbreken en afvoeren van afvalstoffen. Hierdoor kan het paard intensieve arbeid langer en gemakkelijker volhouden. Paarden waarvan bekend is dat ze na een inspanning stijfheid en spierpijn hebben, hebben baat bij Pavo MuscleCare. Als je niet weet of jouw paard aanleg heeft voor spierverzuring na (zware) arbeid, kun je preventief het supplement Pavo Eplus geven. Spieropbouw bij oudere paarden Vanaf een leeftijd van ongeveer 18 jaar verandert het lichaam van een paard. Onze ervaring leert dat oudere paarden erg goed reageren op een verhoogd eiwitgehalte in het rantsoen, waarbij extra aandacht wordt verleend aan de kwaliteit van het eiwit. Een ouder paard heeft baat bij een extra eiwitbron met eiwitten van hoge kwaliteit, oftewel dat er voldoende essentiële aminozuren in het ruwvoer zitten. Twijfel je hierover? De suiker-, energie- en eiwitwaarde in jouw ruwvoer kun je snel en makkelijk testen met onze Pavo ruwvoeranalyse.  Om ervoor te zorgen dat er geen tekorten ontstaan bij je oudere paard, is het belangrijk om ligt verteerbaar voer te geven. Om de spieren voldoende te verzorgen kun je extra letten op antioxidanten, vitamine C en selenium in het voer. Pavo 18Plus in combinatie met ruwvoer uit Pavo SpeediBeet (geweekte bietenpulp) is daarmee het complete voer voor de dagelijkse verzorging van jouw oudere paard! Lees hier meer voedingstips voor oudere paarden.
Lees meer 4m
Voeding en training
Wat is krachtvoer voor paarden?
Krachtvoer, de term zegt het al een beetje, geeft je paard extra ‘kracht’, oftewel energie en wordt vooral gegeven aan paarden die ook veel energie verbruiken. Het is een samenstelling van verschillende grondstoffen met een hogere energiewaarde dan in ruwvoer, zoals hooi en gras zit.  Waarom krachtvoer voor een paard? De keuze om wel of geen krachtvoer te geven, hangt af van de conditie van je paard: is je paard goed op gewicht of niet, en kan hij daarnaast de gevraagde arbeid leveren zonder af te vallen? Het advies is namelijk om alleen krachtvoer bij te geven als je paard niet genoeg energie uit onbeperkt ruwvoer haalt om op gewicht te blijven. Als dit het geval is, kun je gaan kijken naar welke samenstelling dan goed bij je paard past.   Samenstelling krachtvoer Je hebt verschillende typen krachtvoer. Het hangt van het ras van je paard en de intensiteit van het werk af, welk krachtvoer het meest geschikt is. De grootste verschillen tussen de verschillende krachtvoeders zit hem in de vorm (brok vs. muesli) en de samenstelling van macronutriënten, zoals energie, eiwit, suiker, zetmeel, vet en ruwe celstof. Vooral de energie wordt bepaald door de samenstelling van deze grondstoffen: traag vrijkomende energie haalt je paard uit olie en vezels en snel vrijkomende energie uit suiker en zetmeel.  Daarnaast bestaat krachtvoer uit verschillende grondstoffen, zoals o.a. granen, vezels en oliën, maar ook vitaminen, mineralen en sporenelementen. Veel paardenhouders denken dat muesli vooral als lekkernij gegeven wordt, maar net als brokken, is muesli een volwaardig krachtvoer. ‘Volwaardig’ betekent dat je, naast ruwvoer, geen ander krachtvoer of een vitaminen- en mineralenbalancer meer hoeft bij te voeren. In dat geval krijgt je paard dan namelijk alle voedingsstoffen binnen die hij nodig heeft. Let op: dit geldt alleen als je de minimaal geadviseerde dagdosering aanhoudt. Als je minder voert, krijgt je paard ook minder binnen en moet je wel nog apart vitaminen en mineralen aanvullen. Daar zijn speciale vitaminen- en mineralen aanvullingen voor, zoals Pavo Vital (brokjes) of Pavo DailyFit (koeken). Een brok is eigenlijk een gemalen, geplette en geperste variant van muesli. Wij vinden het bij muesli altijd belangrijk om extra structuur toe te voegen. Denk hierbij bijv. aan luzerne. Dit zorgt ervoor dat je paard langer over zijn maaltijd doet en meer kauwt. Lees hier meer over de verschillen tussen muesli en brokken.  Tip: wil jij extra structuur aan je brokken toevoegen? Meng je krachtvoermaaltijd dan met de ruwvoermix Pavo DailyPlus! Hoeveel krachtvoer eet een paard? Hoeveel krachtvoer je paard mag hebben, hangt af van de hoeveel arbeid die je paard verricht en de lichaamsconditie van je paard. Je kan je paard wat extra energie geven via krachtvoer, maar uithouding kan alleen worden opgebouwd door voldoende en gericht te trainen. Alle energie die je paard niet kwijt kan, wordt opgeslagen in lichaamsvet. Paarden die dus al aan de dikke kant zijn, hebben eigenlijk geen krachtvoer nodig en zijn dus beter gebaat bij een vitaminen- en mineralenbalancer, zoals Pavo Vital of Pavo DailyFit. Met een balancer ‘balanceer’ je het rantsoen als het ware uit en geef je alleen de dagelijkse vitaminen, mineralen en sporenelementen die je paard nodig heeft om gezond te blijven, zónder de extra energie uit krachtvoer. Je voert er vaak ook maar heel weinig van ten opzichte van krachtvoer. Een paard van 600 kilo heeft bijvoorbeeld voldoende aan 100 gram Pavo Vital per dag of 1 Pavo DailyFit koek. Voor en pony ga je uit van de helft. Lees hier meer over het verschil tussen Pavo Vital en Pavo DailyFit.  Sommige paardenhouders vinden een handje krachtvoer voldoende. Wanneer je minder dan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid krachtvoer geeft, vaak is dit tussen 1,5 en 2 kilo per dag, het rantsoen aan te vullen met een vitaminen- en mineralenbalancer. Daarnaast is het belangrijk niet meer dan 2 kilo krachtvoer per voerbeurt te geven. Wanneer je in de mogelijkheid bent, is het aan te raden om het in zo veel mogelijk porties over de dag te verdelen, bijvoorbeeld s’ morgens, ’s middags en ’s avonds.  Welk krachtvoer voor mijn paard? Ieder paard is anders en ieder paard heeft daarom ook een andere krachtvoerbehoefte. Van sommige rassen staat bekend dat ze beter wat sober gevoerd kunnen worden, denk hierbij bijvoorbeeld aan koudbloeden. Deze paarden komen snel aan als ze teveel energie binnenkrijgen en hebben vaak voldoende aan een vitaminen- en mineralenbalancer. Voor de paarden die recreatief worden gereden of basissport (niveau B-L) beoefenen, kunnen bijvoorbeeld kiezen voor de dagelijkse gezondheidsmuesli Pavo Nature’s Best of Pavo Condition (brok). Paarden die veel arbeid verrichten, hebben vaak een hogere krachtvoerbehoefte, omdat ze veel energie verbruiken tijdens trainingen. Voor paarden die actief zijn in de sport kun je kiezen voor één van onze sportproducten. Verder is er natuurlijk altijd nog de keuze tussen een brok en een muesli: omdat een muesli vaak structuurrijker is, kauwen ze hier langer op en produceren zo meer speeksel wat de maaggezondheid ten goede komt.  Krachtvoer voor paarden met maagproblemen Als je paard last heeft van maagproblemen is het belangrijk om een voer te geven met een lager suiker- /zetmeelgehalte. Daarnaast is het verstandig om je paard altijd eerst wat ruwvoer te geven, voordat je krachtvoer geeft. Dat geldt niet alleen voor paarden met een gevoelige maag, maar is voor ieder paard eigenlijk een stuk gezonder. Door het ruwvoer gaat je paard speeksel aanmaken wat verzachtend is voor de maag. Verder is het belangrijk het krachtvoer in zoveel mogelijk kleine maaltijden over de dag te verdelen, zodat het aandeel suiker en zetmeel per maaltijd zo laag mogelijk blijft. Pavo Ease&Excel is een product dat speciaal is ontwikkeld voor paarden met een gevoelige maag en die snel gestrest zijn. Het is een structuurrijke sportmuesli met een laag suiker-/zetmeelgehalte. De energie komt vooral uit het hoge aandeel goed verteerbare oliën en vetten.  Krachtvoer zonder suiker Sommige paarden hebben baat bij een suikerarm rantsoen. We krijgen hier dagelijks ook veel vragen over. Is een suikervrij dieet geschikt voor ieder paard? Wij raden het alleen aan als een dierenarts heeft vastgesteld dat je paard een suikergerelateerde ziekte heeft, zoals bijv. hoefbevangenheid of insulinedysregulatie. Een gezond goed functionerend paard mag best wat suiker in zijn rantsoen hebben. Dit wordt tijdens het bewegen ook als eerste verbrand. Pavo Care4life is een krachtvoer dat zeer geschikt is voor paarden die gevoelig zijn voor suiker. Het is een graan- en melassevrije kruidenmuesli met veel structuur, 11 verschillende soorten kruiden en een suiker-zetmeelgehalte van slechts 8,2%.   Bekijk video: wat is het verschil tussen meusli en brokken?
Lees meer 3m
Voeding en training
Stressgevoelig paard? Dit kun je eraan doen
Een stressgevoelig paard is niet alleen vervelend voor jou als ruiter, maar stress is ook nog eens zeer slecht voor de gezondheid van je paard. Stress bij paarden is een toestand van psychische spanning en druk, en komt zowel in de acute als in de chronische vorm voor. Maar wat is stress eigenlijk? Hoe herken ik het? En wat kan ik eraan doen? Wat is stress? Stress is een toestand van psychische spanning en druk en komt voort uit een situatie van onvoorspelbaarheid en oncontroleerbaarheid. Bij paarden kennen we, net als bij mensen, twee verschillende vormen van stress: acute, en chronische stress. Acute stress is kortdurend, het is met name het snel reageren van het lichaam op een ‘gevaarlijke’ situatie en stelt paarden in staat om te vluchten; paarden zijn immers vluchtdieren. Chronische stress is langdurig en zelfs schadelijk voor het lichaam op de langere termijn. Acute stress Wanneer je paard zich in een ‘gevaarlijke’ situatie bevindt, krijgt een deel van de hersenen (de hypothalamus) een prikkel binnen. Bij acute stress wordt deze prikkel via zenuwen en het ruggenmerg doorgegeven aan het bijniermerg. Deze prikkel zorgt ervoor dat het bijniermerg twee hormonen gaat uitscheiden: adrenaline en noradrenaline. Onder invloed van deze hormonen komt er een grote hoeveelheid energie vrij, die onmiddellijk kan worden verbruikt. Daardoor kan je paard ineens wegspringen of het op een lopen zetten. De belangrijkste energiebron voor levende cellen is glucose. De hormonen adrenaline en noradrenaline zorgen voor verhoging van het afbreken van glycogeen in de lever en de skeletspieren. Glycogeen kun je zien als een lange ketting van glucose. Ook promoten beide hormonen het vrijlaten van glucose door de lever en vetzuren van de vetcellen. De vrijgelaten glucose en vetzuren circuleren in het bloed en worden door het lichaam gebruikt als brandstof. Deze hormonen hebben ook effect op de bloedsomloop en ademhaling. Ze verhogen de hartslag en verwijden de kleine luchtkanaaltjes in de longen. Dit zijn allemaal acties die ervoor zorgen dat er meer zuurstof aan de lichaamscellen wordt geleverd. Ook de bloedstroom verandert. Dit gebeurt door samentrekking van bepaalde bloedvaten en verwijding van andere bloedvaten. Hierdoor takt het bloed af van huid, spijsverteringsorganen en nieren, en wordt de bloedtoevoer naar het hart, hersenen en de skeletspieren verhoogt. Door al deze aanpassingen zijn paarden eerder in staat te reageren op een ‘gevaarlijke’ situatie. In de natuur is dit oerinstinct wel handig, maar als je met je paard aan het werk bent is het minder prettig als hij snel schrikt. Chronische stress Als acute stress langere tijd aanhoudt, ontstaat er chronische stress. Je kunt je voorstellen dat dit een negatief effect heeft op de gezondheid van je paard. Bij acute stress speelt de hypothalamus ook een rol. De stress stimuleert de hypothalamus om een hormoon uit te scheiden. Dit hormoon stimuleert weer een ander deel in de hersenen, de hypofysevoorkwab, om het adrenocorticotroop hormoon (ACTH) uit te scheiden. ACTH gaat via de bloedbaan naar de bijnierschors. Cellen in de bijnierschors scheiden als reactie hierop cortisol uit, ook wel bekend als corticosteroïden. De twee vormen van corticosteroïden zijn glucocorticoïd en mineralocorticoïden. Glucocorticoïd heeft effect op de glucosestofwisseling. Het zorgt ervoor dat eiwitten en vetten afbreken en worden omgezet in glucose. Ook zorgt dit hormoon voor extra vrijkomen van glucagon uit de alvleesklier. Glucagon zorgt er weer voor dat de lever glycogeen vrijlaat. Glycogeen bestaat zoals eerder vermeld uit een ketting van glucose. Hierdoor neemt het aandeel glucose in het bloed toe. Glucocorticoïd heeft ook effect op de skeletspieren. De skeletspieren breken onder invloed van dit hormoon spiereiwit af. Dit eiwit wordt getransporteerd naar de lever en de nieren en wordt omgebouwd tot glucose. Tot slot kan Glucocorticoïd ook nog het immuunsysteem onderdrukken. Dit komt omdat corticosteroïden het lichaam weer in balans willen brengen. Dit kost het lichaam erg veel energie. Hierdoor komt het immuunsysteem energietekort, waardoor het immuunsysteem onderdrukt wordt. Het hormoon mineralocorticoïden heeft effect op de stofwisseling van minderalen. Ook zorgt mineralocorticoïden voor een toenemende bloeddruk. Dit alles maakt dat chronische stress zeer slecht is voor de gezondheid van het paard. Hoe herken je stresssignalen bij je paard? Er zijn verschillende signalen die onze paarden afgeven om stress te herkennen. Belangrijk om te weten is dat acute stress heel andere signalen geeft dan chronische stress. Dit komt door de verschillende lichamelijke veranderingen bij beide vormen. Bij acute stress: Vluchtgedrag Omdat paarden vluchtdieren zijn, is vluchtgedrag het allerbelangrijkste symptoom in geval van acute stress. Verhoogde hartslag en ademhaling/ zweten en trillen Een ander belangrijk symptoom is het verhogen van hartslag en ademhaling. Hierdoor gaat een paard zweten en trillen. Vaak mesten en plassen De invloed van acute stress op de spijsvertering en nieren zorgt voor frequent mesten (soms zelfs diarree) en urineren. Bij chronische stress: Vermageren Paarden kunnen bij chronische stress sterk vermageren. Dit komt doordat eiwitten en vetten bij chronische stress worden afgebroken en worden omgezet in glucose. Ook stressfactoren zoals parasieten, slechte voeding en gezondheidsproblemen zorgen voor het vermageren van het paard. Stalondeugden Chronische stress kan resulteren in het ontwikkelen van stalondeugden. Weven, luchtzuigen en kribbebijten zijn zeer duidelijke signalen van langdurige stress bij een paard. Het uitvoeren van stalondeugden zorgt voor productie van het hormoon endorfine, wat een rustgevend en verdovend effect heeft. Maagzweren Paarden met langdurige stress hebben meer kans op maagzweren. Stress zorgt voor de productie van stofjes, waardoor de maagwand van je paard gevoeliger wordt voor aantasting door het maagzuur. Dit kan resulteren in een maagzweer. De structuurrijke muesli Pavo Ease&Excel bevat speciale maagbeschermende stoffen en ondersteunt paarden met een gevoelige maag. Ziek Doordat chronische stress het immuunsysteem onderdrukt, hebben paarden die langdurig aan stress worden blootgesteld meer kans om ziek te worden. De meest voorkomende oorzaken De meest voorkomende oorzaken van stress bij paarden zijn een veranderende leefomgeving, afspenen, gezondheidsproblemen, te zware prestaties, slecht voermanagement en een onnatuurlijk huisvestingssysteem. Wil je meer lezen over voermanagement? Download dan hier de whitepaper ‘Hoe manage jij je voermanagement?’. Vol met praktische tips van experts en topruiters die je direct zelf kunt toepassen. Wanneer paarden gehouden worden in een systeem dat niet voldoet aan de natuurlijke behoeften van een paard, is er grote kans op stress. De natuurlijke behoefte van een paard bestaan uit contact met soortgenoten, voldoende beweging en onbeperkt ruwvoer. Onbeperkt ruwvoer is niet alleen belangrijk voor het spijsverteringssysteem van een paard, kauwen reduceert namelijk ook stress. Wil jij weten wat er allemaal in jouw ruwvoer zit? En of je dit onbeperkt kunt voeren? Doe dan een ruwvoeranalyse met de Pavo Ruwvoer Quickscan. Voeding en stress bij paarden Het allerbelangrijkste bij gestreste paarden is dus om zoveel mogelijk aan hun natuurlijke behoeften te voldoen. Denk hierbij aan contact met soortgenoten, genoeg beweging en onbeperkt ruwvoer, zodat ze lekker kunnen kauwen. Naast onbeperkt ruwvoer kun je krachtvoer aanbieden, in kleine porties en verdeel het over een aantal maaltijden per dag. Geef dus geen grote hoeveelheden in één keer! Dit is belangrijk om het natuurlijk eetpatroon van het paard na te bootsen. Verder is het van belang dat een paard veterinair helemaal gezond is en dat arbeid in kleine stappen wordt opgebouwd. Wanneer aan dit alles is voldaan, kunnen de volgende voedingsstoffen ondersteuning bieden aan (van nature) gestreste paarden: L-tryptofaan & threonine: deze essentiële aminozuren zijn nodig voor de aanmaak van de hormonen serotonine en melanine. Deze hormonen hebben een kalmerend en angstverminderend effect op de hersenen. Vitaminen B-Complex: vitaminen B1 en B6 spelen een belangrijke rol bij de zenuwgeleiding. Selenium & magnesium: deze twee hebben volgens humane studies een angst verlagend effect. Pavo NervControl is een voedingssupplement dat speciaal is ontwikkeld om stress bij paarden te verminderen en bevat al deze belangrijke voedingsstoffen. Het zorgt voor meer innerlijke rust bij nerveuze paarden, helpt om spanning in het lichaam sneller te laten afvloeien en zorgt voor betere controle in stressvolle situaties. Magnesium en stress Magnesium is van belang voor allerlei processen in ons lichaam. Het zorgt voor de ontspanning in zenuwen, spieren en bloedbanen, ondersteunt bij opbouw van het skelet, verhoogd de weerstand tegen spanning en stress en heeft een rol in de overdracht van zenuwprikkels. Het lichaam kan zelf geen magnesium aanmaken en moet dus uit voeding komen. Op het moment dat het lichaam aan stress wordt blootgesteld, verbruikt het extra magnesium. Een tekort aan magnesium maakt het lichaam juist weer gevoeliger voor stress. Hierdoor wordt het magnesiumtekort nóg groter. Het lichaam beland in een vicieuze cirkel. Zorg dus altijd, zeker bij gestreste paarden, voor voldoende magnesium in het rantsoen! Tips bij wedstrijdstress Heeft jouw paard weleens last van wedstrijdstress? Met deze tips gaat je paard weer ontspannen door de ring: Zorg ervoor dat je zelf ontspannen bent! Gespannen mensen hebben een negatief effect op de gestreste gemoedstoestand van paarden; Neem de leiding en wees duidelijk. Paarden zijn kuddedieren en hebben behoefte aan een duidelijke leider die zij kunnen volgen; Zorg voor voldoende ruwvoer en water op concours; Zorg voor routine. Paarden zijn gewoontedieren en hebben behoefte aan regelmaat. Zorg er dus voor dat je regelmatig ergens anders traint of op concours gaat; Voeg Pavo NervControl toe aan het rantsoen voor meer rust bij jouw nerveuze paard.  
Lees meer 5m
Voeding en fokkerij
Veulenbrok: voeradvies voor opgroeiende veulens
Het is voor veulens belangrijk dat ze verantwoord groeien. Te weinig groeien is niet goed, maar te hard groeien ook niet. Bij voeding dat te rijk is aan energie zal het veulen sneller groeien, wat de botkwaliteit niet ten goede komt. De kwaliteit van de voeding is dus van groot belang voor de ontwikkeling van het veulen, waardoor het voeren van een veulenbrok wordt aangeraden. Opgroeien veulen Een optimale gezondheid is een vereiste om goed te kunnen groeien. Als het veulen niet gezond is, zal het zijn energie niet in de groei kunnen steken. In de eerste 10-12 dagen krijgen veulens vaak last van diarree. Wanneer het veulen levendig is, geen koorts heeft en voldoende melk drinkt, is er geen reden tot bezorgdheid en lost het probleem zich binnen enkele dagen vanzelf weer op. Mocht de diarree langer aanhouden of twijfel je over de gezondheid van het veulen, dan is het verstandig de dierenarts te raadplegen. Veulen voeren De eerste drie maanden haalt het veulen zijn bouwstoffen voornamelijk uit moedermelk al zal het veulen in de vierde of vijfde week al spelenderwijs proberen mee te eten met de merrie. Hierdoor krijgt het veulen al wat gras en hooi binnen. Net als merries hebben ook veulens een ruwvoer met bovengemiddelde energie- en eiwitgehaltes nodig. Gras is het ideale ruwvoer voor merrie’s en veulens. Gebruik je hooi of voordroogkuil, controleer dan met een ruwvoeranalyse of je ruwvoer geschikt is voor lacterende merrie en/of de jonge opgroeiende veulens. Ook zijn er veulens die af en toe verse mest van de merrie opeten. Dit is helemaal niet erg en zelfs belangrijk voor een goede ontwikkeling van micro-organismen in de darmen, die zorgen voor de ruwvoervertering. Wel is het erg belangrijk op te letten voor spoelwormen bij jonge veulens. De juiste ontworming kan hierbij helpen. Pavo veulenbrok Na 4 – 8 weken beginnen veulens ook krachtvoer op te nemen, waarmee je de positieve ontwikkeling van hun botten ondersteunt. Als het veulen een beetje gewend is om brokjes (mee) te eten dan kun je vanaf de vierde of vijfde week de veulenbrok Pavo PodoStart bijgeven. Zo ben je er zeker van dat je veulen de noodzakelijke voedingsstoffen binnenkrijgt, ook wanneer de merrie niet de juiste (hoeveelheid) voedingsstoffen doorgeeft. Bovendien zal een veulen dat op vroege leeftijd al kleine porties krachtvoer heeft gehad, straks minder problemen hebben bij het ontbreken van de moedermelk na het spenen. Daarnaast zal het veulen door het bijvoeren minder melk drinken bij de merrie, waardoor je de merrie ontlast als ze (te)veel gewicht verliest. Supplement Pavo PodoCare Om ervoor te zorgen dat een veulen niets tekortkomt in deze belangrijke periode van zijn leven, kun je het voedingssupplement Pavo PodoCare voeren tot een leeftijd van 30 maanden óf tot het moment dat het zelfstandig Pavo PodoStart eet. Pavo PodoCare bevat alle belangrijke mineralen in de juiste hoeveelheid én onderlinge verhouding om de botontwikkeling optimaal te ondersteunen. Probeer vanaf een zo jong mogelijke leeftijd het veulen Pavo PodoCare te laten eten. Als ze vier tot zes weken oud zijn, ondernemen veulens meestal de eerste poging om wat vast voedsel te eten, vaak door uit de bak met hun moeder mee te snoepen. Leer ze vanaf dat moment om zelfstandig te eten door ze apart van de merrie een eigen bakje aan te bieden. Weigert je veulen om Pavo PodoCare te eten? Of kun je hem hier niet geleidelijk aan laten wennen? Om er toch zeker van te zijn dat je jonge veulen niets tekortkomt, is Pavo PodoCare er nu ook in pastavorm. Pavo PodoCare Liquid is een vloeibaar mineralenmengsel in pastavorm, dat met een bijgeleverde spuit eenvoudig in de mond kan worden toegediend. Dé oplossing voor een optimale botgroei zolang het veulen nog geen brokjes eet! Voeradvies veulen tot 8 maanden Dit is een voorbeeld van het ideale rantsoen voor warmbloedveulens met een volwassen gewicht van 600 kg. Voor ponyveulens kun je de helft van de dosering aanhouden.  Vanaf geboorte: merriemelk + weidegras Start vanaf week 4 met 150 gram Pavo PodoStart, daarna opvoeren met 50 gram per maand Voer vanaf de 6e levensweek 200 gram Pavo PodoCare bij (met kleine beetjes beginnen) Eet je veulen de Pavo PodoCare brokjes niet? Gebruik dan de Pavo PodoCare Liquid in pastavorm Probeer je veulen zo snel mogelijk Podo Start te laten eten. Als het veulen 1 kg Pavo PodoStart per dag eet, is bijvoeren van Pavo PodoCare niet meer nodig Schakel na het spenen over van Pavo PodoStart naar Pavo PodoGrow. PodoGrow kun je doorvoeren tot een leeftijd van 30 maanden. De normale voergift voor een veulen is 1 – 2 kg Pavo Podo Grow per dag Wordt er geen krachtvoer met Podo gevoerd, blijf het veulen dan ondersteunen met dagelijks 200 gram Pavo PodoCare tot aan de leeftijd van 12 maanden Indien je volop ruwvoer (hooi / voordroog) voert aan je jonge paarden, controleer dan vooral naar de energie- en eiwitwaarde van het ruwvoer: een schraal ruwvoer beperkt de groei van je veulens. Dit kun je analyseren met een Pavo Ruwvoer Quickscan. Tip: wil het veulen de brokjes niet graag eten? Probeer het dan eens te mengen met wat luzerne of Pavo DailyPlus voor de smakelijkheid. Wat als het veulen de merrie leegzuigt? Wanneer het veulen erg snel groeit en de merrie vanwege een hoge melkgift vermagert, kun je zeggen dat het veulen (letterlijk) de merrie leegzuigt. Dit zie je vaak bij wat oudere merries, die zich helemaal aan het veulen geven. In dit geval kun je een aantal stappen doorlopen om de merrie weer goed in conditie te krijgen en het veulen minder snel te laten groeien. Voor beide is dat gezonder! Controleer de kwaliteit van je ruwvoer en ga op zoek naar hoge energie- en eiwitwaardes. Gebruik Pavo PodoLac. Onze merriebrok bevat maar liefst 18,5% eiwit en zit daarmee boven andere merriebrokken, die vaak niet meer dan 16% eiwit bevatten.   Voer een volwassen warmbloed merrie minstens 4-5 kilo Pavo PodoLac per dag – je merrie heeft wat extra’s nodig, dus wees niet bang haar dit ook te geven! Staat er geen of nauwelijks gras in de wei? Vul dan het ruwvoer aan met Pavo DailyPlus (luzernemix) of Pavo FibreBeet. Met Pavo FibreBeet geef je niet méér energie dan er in gras of hooi zit. Ga uit van 250-500 gram Pavo FibreBeet per dag en week dit vervolgens in water in de verhouding 1:3 (Pavo FibreBeet : water). Laat het 15 minuten in warm water en 45 minuten in koud water staan voordat je het voert. Ben je nog niet tevreden met het resultaat en blijft de merrie invallen en het veulen aankomen? Dan kun je Pavo PodoLac vervangen door Pavo Performance. Met EnergyControl zal de drang om melk te produceren afnemen, waardoor de merrie meer energie overhoudt om zichzelf te herstellen en het veulen minder vet zal worden.    Veulen spenen Vanaf vier maanden kan een veulen gespeend worden, maar het is beter dit 1 of 2 maanden later te doen. Het is belangrijk dat het veulen voldoende veulenbrok eet op het moment van spenen, anders komt het te veel terug in conditie. Geef tijdens het spenen vooral niet te veel krachtvoer. Een onregelmatige of te harde groei kan een negatieve invloed hebben op gezond en sterk beenwerk. Naast de erfelijkheid hebben namelijk ook beweging en voeding invloed op het ontstaan van OC(D). Een veulenbrok met de juiste afgestemde voedingsstoffen, zoals aminozuren, mineralen, sporenelementen en vitamines is aan te raden. Na het spenen kan het veulen naar de veulenopfok.
Lees meer 4m
Voeding en training
Artrose bij je paard, wat nu?
Als je net van de dierenarts te horen hebt gekregen dat je paard artrose heeft in één of meerdere gewrichten, schrik je je natuurlijk rot. Artrose is een progressieve aandoening die niet te genezen is. Maar niet getreurd, met goed management en de juiste ondersteuning kun je je paard nog goed ondersteunen!  Symptomen van artrose bij paarden Artrose kan op verschillende plekken in het paardenlichaam voorkomen, namelijk overal waar gewrichten zijn. Bij paarden is dit vaak in de nek, hals, benen, rug of in het si-gewricht (plek in de rug waar de wervelkolom zich verbindt met het bekken). De diagnose artrose kan alleen door middel van röntgenfoto's en een uitgebreid onderzoek van de dierenarts zeker worden vastgesteld. Veel voorkomende symptomen van artrose zijn: Stijve beweging, vooral na rust. Moeite met opstaan, langzaam op gang komen. Bij artrose in de hals of nek: moeite hebben met halsstrekken en/of inbuigen van de hals. Artrose in het kaakgewricht: moeilijk kauwen, scheef kauwen of aan één kant kauwen. Artrose in de benen: niet willen bewegen, kreupel lopen. Arthrose in de ruggewervels: Rug vasthouden, wegdrukken en erg strakke ruspieren. Soms gaan ze erg protesteren met rijden. Artrose in de SI gewrichten: minder ‘schwung’ en moeite met aanleuning, aangalopperen of galopwissels. Een tussenpees blessure in één of beide achterbenen kan ook wijzen op problemen in het SI gewricht. Een paard met artrose rijden Vaak is het wel mogelijk om een paard met artrose te blijven rijden. Je zult weliswaar rekening met de aandoening moeten houden, maar in het algemeen is actieve beweging juist bevorderlijk. Rust roest letterlijk. Een paard met artrose zal in de wei niet uit zichzelf actief gaan rondwandelen, waardoor stijfheid op de loer licht. Weidegang heeft  de voorkeur boven huisvesting in een box. Aangepast management in de training is wel noodzakelijk. Een paar tips waar je in het rijden rekening mee kunt houden: Het is belangrijk om je paard goed te kennen en aandacht te besteden aan wat hij aangeeft. Rijd geen krappe wendingen (kleiner dan een grote volte). Vraag niet teveel verzameling. Dwing je paard onder geen enkele voorwaarde in een bepaalde houding. Laat de hals regelmatiger dan je tot nu toe gewend bent ontspannen. Rijd alleen op een goede, verende bodem en draaf niet op asfalt. Tevens is het belangrijk om in je trainingsschema veel rustdagen in te bouwen en je daar ook aan te houden. Deze dagen heeft je paard echt nodig om te herstellen. Management van artrose paarden Artrose is een aandoening die niet te genezen is. De behandeling is er vooral op gericht om het proces te vertragen. Op websites van dierenartsen is veel informatie te vinden over de intensieve behandeling van gewrichten met artrose, maar ook met het juiste management en de juiste voeding kun je een paard met artrose ondersteunen. Zo is het heel belangrijk om je paard niet te zwaar te laten worden. Alleen daarom is beweging al goed! Meer gewicht betekent een zwaardere belasting voor de benen. Twijfel je over het beslag van je paard bij artrose aan de benen? Neem dan contact op met een gerenommeerde hoefsmid en/of dierenarts. Supplement voor een artrose paard Het is geen overbodige luxe om het rantsoen van een paard met artrose aan te vullen met een gewrichtssupplement. Vooral bij oudere paarden is dit effectief, omdat het lichaam met het verstrijken van de jaren steeds minder goed zelf glucosamine kan aanmaken. Pavo doet net even iets meer dan de bekende glucosamine-supplementen. Naast glucosamine bevat Pavo Mobility namelijk een gepatenteerd collageen (Colatech®) en chondroïtine. Deze combinatie geeft maximale ondersteuning van de gewrichten.
Lees meer 2m
Voeding en training
Magnesium: van levensbelang voor het paard
Magnesium is een van de bouwstenen van het skelet van het paard, maar ook de spieren hebben magnesium nodig om te kunnen ontspannen. Een magnesiumtekort komt vaak voor bij paarden en kan vervelende blessures opleveren. Wij vertellen je wat magnesium precies is en hoe je dit kunt aanvullen. Magnesium voor paarden Magnesium en calcium hebben, behalve voor het skelet, ook een belangrijke rol bij de werking van spieren. Simpel gezegd zorgt calcium voor het aanspannen van de spieren en magnesium voor het ontspannen. Na een hevige inspanning of stresssituatie kan het voorkomen dat een paard een magnesiumtekort vertoont. Het paard staat dan te trillen op zijn benen en krijgt de spieren niet meer ontspannen. Deze paarden kun je extra magnesium geven in de vorm een gebalanceerd krachtvoer of supplement. Wat is magnesium? Magnesium is een mineraal dat het paard elke dag nodig heeft. Het wordt niet zoals bijvoorbeeld koper in de lever opgeslagen als reserve om te worden aangesproken bij een tekort. In noodgevallen kan het paard wel gebruikmaken van magnesium uit het botweefsel. Oud bot wordt regelmatig vervangen door nieuw bot, waarbij de bouwstenen kalk, fosfor, calcium en magnesium tijdelijk vrij komen in het bloed en beschikbaar zijn. Als de vrijgekomen magnesium door de spieren wordt gebruikt, is het echter niet meer beschikbaar voor de opbouw van nieuw bot en bevat dit minder mineralen dan voorheen. Magnesium tekort Op het moment dat het paard ernstige langdurige magnesiumtekorten heeft, zullen de botten afnemen in kwaliteit en ontstaan er makkelijker blessures doordat ze de (sport)belasting niet aankunnen. Dat kan zich op verschillende manieren uiten, bijvoorbeeld door problemen met de aanhechting van de pezen. Uit een onderzoek van Kees Kalis van de Gezondheidsdienst voor Dieren kwam onder meer dat zieke paarden vaker een tekort aan magnesium vertonen. Daarnaast bleek ruim 20% van de gezonde paarden ook een tekort aan magnesium te vertonen. Zieke paarden die aan de diarree zijn of paarden die overmatig zweten zijn gevoeliger voor magnesiumtekort. Ook paarden die veel zout opnemen uit een liksteen waar geen magnesium in zit, zullen eerder een tekort vertonen. Magnesium in paardenvoer In principe moet een paard magnesium halen uit het voer. In ruwvoer zit echter niet altijd voldoende magnesium. Aanvulling in de vorm van krachtvoer of een aanvullend supplement is dus nodig. Let wel op een juiste verhouding tussen calcium en magnesium in het rantsoen, anders wordt de magnesium verdrongen en komt het zonder opgenomen te worden er via de urine weer uit. Veel (sport)voeders hebben een verhouding van 5:1 en bevatten te veel calcium ten opzichte van de hoeveelheid magnesium. Een juiste verhouding zou 2-3:1 moeten zijn. De waardes en de verhoudingen kun je terugvinden op het etiket van de voerzak.  Magnesium supplement Indien het magnesium uit krachtvoer niet voldoende is, kun je ook een supplement met magnesium geven. Let er wederom op of het supplement dan niet ook calcium bevat, anders is het weggegooid geld. Supplementen zonder calcium zijn bijvoorbeeld Pavo EPlus of Pavo NervControl voor sensibele en nerveuze paarden. Andere supplementen die kunnen worden gebruikt op basis van puur magnesium zijn bijvoorbeeld magnesiumoxide, citraat of magnesium chelaat.  
Lees meer 1m
Voeding en training
Luchtzuigen bij je paard verhelpen
Het constant zuigen van lucht wat sommige paarden doen als ze in de stal staan, heet luchtzuigen en is een uiting van verveling. Als je paard eenmaal aan het luchtzuigen gaat, is het heel moeilijk, zo niet onmogelijk, om hier weer vanaf te komen. Lees hier meer over luchtzuigen en hoe je het kunt voorkomen. Wat is luchtzuigen precies? Luchtzuigen is een vorm van een stalondeugd. Stalondeugden zijn stereotype gedragingen: ze zijn doelloos en herhalen zich continu. Bij het luchtzuigen kantelt het paard het hoofd iets naar achteren en zuigt het paard lucht de slokdarm in. Wanneer het paard tijdens het luchtzuigen zijn snijtanden ook nog vastzet op een hard voorwerp, zoals de voerbak of het houtwerk van de wei, wordt het kribbebijten genoemd. Waarom is mijn paard een luchtzuiger? In de vrije natuur waar paarden in kuddes leven, hebben ze constant contact met soortgenoten en bewegen en grazen ze de hele dag. Dat is een verschil met hoe wij onze paarden tegenwoordig houden en ze vaak afwisselend in de stal en alleen of samen met hun maatje in de wei zetten. Dat doen we al generaties lang zo, maar kan er wel voor zorgen dat je paard zich gaat vervelen en/ of hierdoor stress ervaart en dit uit in luchtzuigen. Paarden gaan luchtzuigen om te ontsnappen aan stress of verveling. Tijdens het luchtzuigen produceert het lichaam van het paard endorfine. Endorfine is zeer verslavend voor een paard omdat het verdovend en rustgevend werkt. Wanneer je paard eenmaal verslaafd is aan de endorfine zal het steeds vaker en heftiger gaan luchtzuigen. Je paard hoeft dan niet eens meer stress of verveling te ervaren, maar wil toch luchtzuigen. Is luchtzuigen schadelijk voor paarden? Naast dat het vervelend is dat je paard niet gewoon lekker rustig op stal kan staan, kan luchtzuigen ook echt schadelijk zijn voor de gezondheid. Zo zouden paarden die luchtzuigen een verhoogd risico kunnen hebben op maagzweren, hoewel het exacte verband tot op heden niet is aangetoond en het een onderwerp van discussie blijft. Ook wordt er vaak gesproken over een relatie tussen luchtzuigen en koliek, maar ook dit is nooit wetenschappelijk aangetoond. Neemt niet weg dat je extra oplettend moet zijn voor de symptomen van koliek en maagzweren als je paard een luchtzuiger is! Tips: luchtzuigen bij je paard verhelpen Luchtzuigen verhelpen is niet gemakkelijk en ook niet altijd mogelijk. Maar ook voor luchtzuigen geldt: voorkomen is beter dan genezen! Hier enkele tips die je kunnen helpen om luchtzuigen te voorkomen of tot een minimum te beperken. Een paard is een kuddedier, zorg voor veel contact met soortgenoten door ze samen of met een groep in de wei te zetten en de bovendeuren van de stal open te laten, zodat ze aan elkaar kunnen snuffelen. Paarden in de vrije natuur grazen tot wel 16 uur per dag! Onbeperkt ruwvoer zorgt ervoor dat je paard kan eten wanneer hij wil. Een paard heeft iedere dag behoefte aan voldoende beweging in de weide of paddock. Vergeet niet dat wanneer je je paard in de paddock zet je ook altijd wat hooi neerlegt (op rubberen platen i.p.v. op de grond om zand eten te voorkomen).  Iedere dag hetzelfde rondje in dezelfde bak is niet alleen saai voor jezelf, maar ook voor je paard. Wissel je training daarom voldoende af of ga eens een stukje stappen in de wei of buiten. Zorg dat je paard voldoende afleiding heeft en zich niet hoeft te vervelen. Geef hem bijvoorbeeld 's ochtends en 's avonds een paar Pavo Haychunks in een klein hooinetje of verstop het in de baal met hooi. Paarden vinden het erg fijn als ze om zich heen kunnen kijken, geef hem daarom een stal met uitzicht. Ook zijn er verschillende speeltjes te koop die verveling tegen moeten gaan, zoals voerballen of speelballen.
Lees meer 2m
Voeding en training
Heeft je paard last van spierpijn? Dit kun je doen!
Spierpijn of spierverzuring bij paarden is vaak een gevolg van intensief trainen. Het wordt beide (mede) veroorzaakt doordat de energieomzetting in de spiercel verstoord is. Maar hoe herken je een paard met spierpijn? En wat is het verschil met spierverzuring? Wij leggen het je uit en geven je een paar handige tips om het te voorkomen. Wat is het verschil tussen spierpijn en spierverzuring bij paarden? Spierpijn is wat anders dan spierverzuring. Bij spierpijn ontstaan er door (intensief) trainen scheurtjes in de spiervezel. Ook vormt de spiercel melkzuur waardoor de spiercel licht verzuurd. Melkzuur wordt gevormd op het moment dat een spiercel teveel energie zónder zuurstof verbrandt in plaats van mét. Bij spierverzuring wordt er zoveel melkzuur gevormd dat de spieren dusdanig verzuren dat de pH in de spieren daalt. Dit kan schadelijk zijn voor de spieren van je paard. Let op: zowel spierpijn als spierverzuring mag maximaal een aantal dagen duren. Als het langer duurt, is het verstandig om je dierenarts te raadplegen. Een andere pijnlijke aandoening aan de spieren bij paarden is spierbevangenheid. Spierbevangenheid wordt meestal veroorzaakt door een stofwisselingsziekte, overmaat aan suikers en zetmeel of een zeer intensieve training. Symptomen: hoe herken je spierpijn of spierverzuring bij een paard? Spierpijn en spierverzuring bij een paard kun je herkennen aan een aantal symptomen. En hoewel spierpijn dus iets anders is dan spierverzuring, zal je geen echte duidelijke verschillen in symptomen zien bij je paard. Het eerste wat je op zal vallen als je paard last heeft van zijn spieren: Hij zet kortere passen dan normaal als je hem uit de wei of uit de stal haalt Reageert heftiger op aanrakingen met de borstel tijdens het poetsen Meer verzet tijdens het rijden/ trainen   Wat is de oorzaak van spierpijn/ spierverzuring? Net als bij mensen wordt de beweging van je paard mogelijk gemaakt door een samenwerking tussen pezen, banden en spieren. Spieren zijn het meest flexibel van deze groep. Wanneer de training van een paard heel snel wordt opgebouwd, bestaat er een kans dat de spieren als het ware trekken aan de banden en pezen, omdat deze minder flexibel zijn. Dit doet pijn aan de spieren, oftewel: spierpijn.   Als een spier heel hard moet werken, bestaat er ook een kans op verzuren. Bij zware inspanning heeft een spier extra energie nodig. Om aan energie te komen, wordt er brandstof verbruikt. In een spiercel kunnen twee soorten verbranding plaatsvinden: anaerobe verbranding (verbranding zónder zuurstof) en aerobe verbranding (verbranding mét zuurstof). Je kunt je voorstellen dat het verbruik van brandstof afvalstoffen geeft; beide verbrandingen geven andere afvalstoffen. Verzuring treedt alleen op als er anaerobe verbranding – dus verbranding zónder zuurstof – in de spier plaatsvindt. Mijn paard loopt kort en stijf; wat is de rol van voeding? Als je paard kort en stijf loopt, kan je dit deels met voeding ondersteunen. Kies dan voor een krachtvoer waarbij de energie afkomstig is uit zowel suiker/zetmeel als vetbronnen, zoals Pavo AllSports (sportbrok) en Pavo SportsFit. Daarnaast is het belangrijk om op de juiste manier te trainen. Op die manier kan je de energievoorraad in de spieren namelijk vergroten, dat wordt ook wel het ‘aeroob vermogen’ genoemd. In de volksmond staat dit gelijk aan een betere conditie en meer uithoudingsvermogen. De energievoorraad in de spier wordt in eerste plaats aangelegd door de vluchtige vetzuren die in de dikke darm geproduceerd worden bij de fermentatie van vezels. Deze vluchtige vetzuren worden door de lever omgezet in glucose wat op zijn beurt in de spier wordt opgeslagen. In tweede instantie kan er glucose in de spier worden opgeslagen afkomstig uit suikers in de voeding (dus zowel suiker als zetmeel). Een derde belangrijke bron van energie bij aerobe verbranding is vet en deze wordt aangesproken wanneer de aerobe inspanning langer dan 30 minuten duurt. Afhankelijk van je paard kan dit ook eerder  (kan eerder of later, afhankelijk van de conditie van je paard). Supplement voor paarden met stijve spieren Als het bekend is dat jouw paard na een (zware) inspanning snel last heeft van stijfheid en spierpijn, kan een voedingssupplement helpen om de spieren extra te ondersteunen en verzorgen. Een supplement als Pavo MuscleCare helpt je paard bij het versnelt afbreken en afvoeren van afvalstoffen. Hierdoor kan je paard intensieve arbeid langer en makkelijker volhouden. Pavo MuscleCare bevat de natuurlijke CellProtect antioxidanten en het dopingvrije beta-alanine (β-alanine). Dat is een niet-essentieel-aminozuur dat een onderdeel is van carnosine. Dit ondersteunt de buffercapaciteit van de spieren tegen melkzuur. Door het toevoegen van beta-alanine aan de voeding kan het paardenlichaam meer carnosine aanmaken en zo verzuring van de spieren vertragen. Als je niet zeker weet of jouw paard aanleg heeft voor spierverzuring na (zware) arbeid, kun je preventief het supplement Pavo Eplus geven. De vitamine E, vitamine C en selenium stimuleren het afvoeren en afbreken van afvalstoffen die zich tijdens de training in de spier hebben opgehoopt. Tips om spierpijn bij je paard te voorkomen Begin je training altijd met een goede warming up en sluit af met een cooling down; Tijdens de cooling down is het belangrijk dat je paard niet te snel afkoelt. Wanneer de spieren warm blijven, blijft de doorbloeding goed en herstelt de spier beter. Wanneer het erg koud is buiten is uitstappen met een fleecedekentje dus aan te raden; Train je paard regelmatig, zodat hij in goede conditie is en bouw dit langzaam op. Naarmate een paard meer uithoudingsvermogen krijgt door middel van training, wordt het aandeel anaerobe verbranding in de spier lager en het aandeel aerobe verbranding hoger; Antioxidanten in de voeding zorgen voor het stimuleren van afvoeren en afbreken van afvalstoffen en verminderen de kans op spierpijn en spierverzuring. Kies dus voor een spierondersteunend supplement met natuurlijke antioxidanten, zoals Pavo MuscleCare (verzorgend) of Pavo Eplus (preventief).  
Lees meer 3m
Voeding en training
Verveling bij je paard tegengaan
In de natuur is een paard constant bezig, iets wat bij een groot deel van onze paarden op stal en soms ook in de wei zeker niet het geval is met verveling tot gevolg. Dit kan zich uiten in stalondeugden, het eten van zand of bijten aan de omheining. Lees hier alles over waarom een paard zich verveelt en wat jij kunt doen om verveling bij je paard tegen te gaan. Waarom verveelt mijn paard zich? Van nature staat een paard natuurlijk niet in een stal of wei, maar leeft het in een kudde in de vrije natuur. Daar zijn ze veel tijd kwijt met het zoeken naar voedsel, het vluchten voor vijanden en het sociale contact met de rest van de kudde. Ondanks het feit dat paarden al jaren door mensen worden gehouden - gedomesticeerd zijn - en gewend zijn om (individueel) gehuisvest te worden in een stal en/of wei, betekent dit niet dat ze hier altijd oké mee zijn. Het huidige paard hoeft niet te zoeken naar voedsel, beweegt daardoor veel minder en heeft soms weinig tot geen contact met soortgenoten, wat kan leiden tot verveling. De symptomen: hoe weet je dat je paard zich verveelt? Verveling zorgt ervoor dat het paard stress krijgt en dit kun je vaak herkennen in de vorm van stalondeugden. Door de verveling gaat het paard bepaald gedrag vertonen, zoals: Weven: langdurig (soms wel uren) heen en weer zwaaien van het lichaam Luchtzuigen: lucht naar binnen zuigen Kribbebijten: de tanden in de omheining of voerbak zetten Boxlopen/ heen en weer lopen Door dit gedrag komt endorfine vrij, waardoor het paard zich prettig voelt. Dit zorgt ervoor dat je paard het gedrag vaker zal vertonen, want het voelt immers fijn. Door de verveling kan het paard ook meer gaan eten en dan vooral dingen die hij niet hoort te eten, zoals het houtwerk. Mijn paard verveelt zich op stal Op stal heb je de meeste kans dat een paard zich gaat vervelen, aangezien ze op de wei (vaak) voldoende voedsel hebben om happend en stappend te eten. Daarnaast staan sommige paarden in kuddeverband in de wei, waardoor er meer sociaal contact is en je paard minder snel verveeld raakt. Op stal staat het paard echter meestal alleen en heeft het buiten de voerbeurten om weinig te doen. Paard verveelt zich in de wei In de wei komt verveling veel minder voor, maar kan het er zeker zijn. Vooral als je paard alleen in de wei staat en er weinig te eten is, kan je paard zich gaan vervelen. Al zal dit voornamelijk voor komen in een (zand)paddock. Zorg er dus altijd voor dat je paard iets te doen heeft als het buiten staat, anders loop je de kans dat je paard zand gaat eten of begint met het knagen aan de omheining. Tips tegen verveling bij je paard Om verveling tegen te gaan is het sowieso verstandig om je paard in een ruime stal te zetten met voldoende licht en frisse lucht. Daarnaast kan je het aantal voerbeurten wat meer over de dag uitsmeren als dit mogelijk is. In plaats van twee keer per dag je paard te voeren, is het het beste om het voer bijvoorbeeld te verdelen over vijf tot zes keer per dag. Nu zal dit voor veel paardenhouders niet haalbaar zijn en dan is een hooibal ook een optie. Het belangrijkste is namelijk dat je paard gedurende de hele dag beschikking heeft tot ruwvoer, dit zorgt niet alleen voor minder verveling maar verkleint ook de kans op koliek en maagzweren. Om je paard wat langer over zijn ruwvoer te laten doen, kan je dit bijvoorbeeld geven in een hooinet of slowfeeder. Hang deze niet naast de waterbak, maar juist aan de andere kant van de stal. Zo krijg je geen zooitje in je stal en is je paard langer zoet! Een andere belangrijke factor om verveling tegen te gaan is beweging. Net als het voeren, geldt voor beweging ook het liefst meerdere keren per dag. Tegen verveling zou weidegang de beste optie zijn, maar mocht dit niet lukken dan kan een rondje stappen ook een goede afleiding zijn naast de training. De training zelf kan ook eens goed bekeken worden. Elke keer dezelfde training brengt je paard in een sleur en levert weinig uitdaging op. Doe eens iets anders dan je gewend bent met je paard, zoals grondwerk, schriktraining of buitenrijden. Dit zorgt ervoor dat je paard weer nieuwe indrukken opdoet, die hij vervolgens moet verwerken en dus minder tijd heeft om zicht te vervelen. Naast deze basistips zijn er andere afleidingen om op stal, de paddock of in de wei neer te leggen of op te hangen. Een liksteen vult niet alleen de vitaminen en mineralen van je paard aan, maar werkt ook bij het tegengaan van verveling. Hang 3 of 4 Pavo HayChunks in een klein hooinetje of verstop ze in een baal met hooi. Dit zorgt ervoor dat je paard wat afleiding heeft én ook nog eens wat extra gezonde ruwvoervezels binnenkrijgt!   Gebruik voerspeeltjes om je paard naar zijn eten te laten zoeken en hem langer bezig te houden met zijn voerbeurt. Speelgoed of andere interessante objecten. Een paard is van nature nieuwsgierig en is misschien wel geïnteresseerd in wat leuke speeltjes in stal. Denk aan speciaal ontwikkelde speelballen, maar ook pionnen en andere speeltjes kunnen leuk zijn. Let er bij de andere speeltjes wel goed op dat deze veilig zijn voor je paard.
Lees meer 3m
Voeding en gezondheid
Voedingstips om je oudere paard op gewicht te houden
Oudere paarden, vanaf een leeftijd van 18 jaar, krijgen sneller problemen met hun gewicht. Hun lichaam neemt de voedingsstoffen wat minder goed op en ook gebitsproblemen spelen vaak een rol. Gelukkig kun je genoeg doen om een oud paard weer op gewicht te krijgen én te houden. Oud paard te mager: bepaal de oorzaak Wanneer je oude paard te mager wordt zonder direct aanwijsbare reden, is de eerste stap om de oorzaak hiervan te achterhalen. Daarom is het verstandig om eerst een bloed- en mestonderzoek te doen. Bij het bloedonderzoek wordt gekeken of de nieren, darmen en lever goed werken. Misschien komt je paard wat tekort of heeft hij iets onder de leden. Door een mestonderzoek te laten doen, kun je er ook achter komen of je paard misschien wormen heeft. Laat ook het gebit nakijken, het kan namelijk best zijn dat je paard last heeft met kauwen. Oude paarden hebben goed ruwvoer nodig Het rantsoen van een paard bestaat voor 70 tot 99% uit ruwvoer! En zeker bij een te mager paard is ruwvoer van levensbelang voor een gezonde darmwerking. Laat je ruwvoer dan ook vooral testen, bijvoorbeeld door de Pavo Ruwvoer Quickscan. Hiermee kun je op een snelle een eenvoudige manier achterhalen hoeveel suiker, eiwit en energie er in je ruwvoer zit. Een aantal belangrijke punten waar je op kunt letten: Drogestof-gehalte Voordroogkuil bevat gemiddeld een drogestofgehalte van 650 – 750. Dat betekent dus dat het voor 65 tot 75% bestaat uit droge stof en de rest (25 tot 35%) is water. Daarom moet je van voordroogkuil best veel voeren, het grootste deel is immers vocht. Hooi bevat een hoger drogestofgehalte, rond de 90%. Eiwit (VREp) Bij het bepalen van de ruwvoerkwaliteit wordt daarnaast gekeken naar het VREp (Verteerbaar Ruw Eiwit paard). Om een ouder mager paard aan te laten komen, moet deze waarde vrij hoog zijn. Vitaminen, mineralen en sporenelementen Als het ruwvoer van bemeste grond af komt, zijn de gehaltes aan mineralen en sporenelementen meestal wel in orde. Dat is anders voor onbemeste grond. Dan is een aanvulling via krachtvoer of een supplement vaak noodzakelijk om in de dagelijkse behoefte van je paard te voorzien. Een ouder mager paard veel op de weide Een oud paard dat te mager is, kan het beste de hele dag op de weide lopen. In vers gras zitten namelijk veel hogere energie- en eiwitgehaltes dan in ons ruwvoer. Kan je paard niet op de wei, dan is onbeperkt ruwvoer (van goede kwaliteit) echt noodzakelijk. Makkelijk verteerbaar paardenvoer Een oud paard dat te mager is kun je helpen door hem gemakkelijk verteerbaar voer aan te bieden. Geëxpandeerde brokken en muesli’s met veel gepofte grondstoffen hebben een bewerking ondergaan, waardoor ze gemakkelijker verteerbaar zijn voor je oude paard. Ze zijn als het ware 'machinaal voorgekauwd' waardoor het paard de voedingsstoffen via de dunne darm gemakkelijk opneemt. De kans op koliek is door deze voorbewerking kleiner dan bij onbewerkt voer. Ruwvoervervangers bij gebitsproblemen Paarden met gebitsproblemen nemen minder goed ruwvoer op. In dit geval is het nodig om ruwvoervervangers aan te bieden. Wij hebben als perfecte ruwvoervervanger Pavo FibreNuggets ontwikkeld. Dit is een grasbrok die in geweekte variant gevoerd word. Het is makkelijker te kauwen dan normaal ruwvoer en bevat een constante samenstelling. Verder hebben we  Pavo SpeediBeet (ontsuikerde bietenpulp) boordevol gezonde vezels dit word net als Pavo Fibrenuggets in geweekte variant gevoerd, zodat ook paarden met gebitsproblemen dit prima kunnen eten. Mocht je paard iets aan de dunne kant zijn of begint zijn bespiering wat weg te vallen dan kan Pavo Fibrebeet een oplossing bieden. Fibrebeet heeft de zelfde basis als Speedibeet alleen is er luzerne toegevoegd. SpeediBeet, Fibrebeet of FibreNuggets in combinatie met Pavo 18Plus is het ideale voer voor senioren met een slecht gebit. Het voordeel van Pavo 18Plus is dat het zowel droog als nat gevoerd kan worden. Als je het nat maakt, vallen de kleine brokjes gemakkelijk uit elkaar. . Supplementen voor oude paarden Mineralen en sporenelementen Oudere paarden hebben behoefte aan een iets andere verhouding aan calcium, fosfor en magnesium dan jongere paarden. Deze mineralen spelen een belangrijke rol bij de werking van spieren en het behouden van sterke botten. Het is ook verstandig om jouw senior extra zink en selenium (beide sporenelementen) te geven. Vitamines Wat betreft de vitamines geldt dat oudere paarden wat moeite hebben met het opnemen van vitamine B en K, omdat ze minder goed ruwvoer kunnen eten. Deze vitamines kun je dus beter ook bijvoeren. Vitamine C is een stof die oudere paarden goed kunnen gebruiken in de voeding. Paarden maken zelf vitamine C aan in het lichaam, maar in het lichaam van een ouder paard gaat dat niet meer zo gemakkelijk. Daarom is het goed deze via de voeding aan te bieden. Pavo 18Plus Met Pavo 18Plus verzorg je het ouder wordende paard met alles wat het lichaam vraagt, zonder het systeem onnodig te belasten. Deze stofvrije, licht verteerbare muesli helpt jouw senior om vitaal en fit te blijven. En wanneer er op latere leeftijd gebitsproblemen ontstaan, is Pavo 18Plus in combinatie met Pavo SpeediBeet, Pavo Fibrebeet of Pavo FibreNuggets het complete voer voor de dagelijkse verzorging. Meer weten over ruwvoer? Download de gratis ruwvoerspecial! Wil jij alles weten of ruwvoer voor paarden en je ruwvoermanagement nóg verder optimaliseren? Download dan hier de gratis ruwvoerspecial en ontdek hoe ruwvoer je paard gezond kan houden! Na het lezen van deze special weet je:   Wat de gemiddelde kwaliteit van paardenruwvoer is Hoe je ook oudere paarden voldoende ruwvoer kunt geven De do’s en don’ts op het gebied van (ruw)voermanagement > Download de ruwvoerspecial
Lees meer 3m
Voeding en gezondheid
Diarree bij paarden
Je herkent diarree bij paarden aan de dunne mest, frequent mesten en aan de vieze staart en billen. Het belangrijkste is ervoor zorgen dat je paard niet uitdroogt! Maar wat veroorzaakt diarree? En hoe kan je het voorkomen? Diarree en mestwater: wat is het verschil? Diarree en mestwater worden bij paarden vaak in één adem genoemd. Dat is ook niet zo gek als je bedenkt dat sommige symptomen overeenkomen. Toch is er een onderscheid tussen deze twee. Mestwater: Tijdens de spijsvertering wordt het vocht in de darmen van je paard gebonden en opgenomen in de dikke darm. Maar als je paard om welke reden dan ook niet in staat is om het vocht met de mest te binden, ontstaat mestwater. Dit wordt door de stoelgang naar buiten gedrukt en loopt vaak langs de benen van je paard. Geen smakelijk gezicht! Diarree is vaak een grotere belasting op het lichaam van je paard en houdt langer aan dan mestwater. Bij diarree raakt de hele darmflora ontregeld en verliest je paard veel vocht en belangrijke elektrolyten. Bovendien wordt het immuunsysteem snel aangetast bij (ernstige) diarree. Zowel bij diarree als mestwater moet je alert zijn. Mestwater kan namelijk omslaan in diarree als het te lang aanhoudt en de juiste behandeling uitblijft. Wordt het mestwater niet minder of is je paard slap tijdens de diarree? Dan is het slim om even contact op te nemen met je dierenarts.  Oorzaken diarree bij paarden Bij diarree gaat voedsel te snel door het maagdarmkanaal om vocht en voedingsstoffen goed op te kunnen nemen. Dit kan komen doordat de beweeglijkheid van het maagdarmkanaal verhoogd is, doordat het wateropnemend vermogen van de darm verminderd is of doordat er verhoogde afgifte van vocht en elektrolyten in de darm plaatsvindt. In de dikke darm wordt de vertering niet zozeer door het lichaam zelf gedaan, maar door de bacteriën die daar leven. Zij zetten binnenkomende vezels die het paard zelf niet kan verteren om in bruikbare voedingsstoffen, zoals vluchtige vetzuren. Voor een gezonde werking van de darmen is het erg belangrijk om deze bacteriën gezond te houden, zodat zij goed hun werk kunnen doen. Al deze bacteriën samen noemen we de darmflora. Teveel voorjaarsgras, beschimmeld voer of plotselinge veranderingen in het voer kunnen de darmflora verstoren wat kan resulteren in diarree. Maar ook een slecht gebit, het binnenkrijgen van te veel zand, bepaalde infecties, wormen en stress zijn oorzaken van diarree. Veulen met diarree Ook bij veulens komt diarree veel voor: dunne mest en vieze staarten. Uit recent wetenschappelijk onderzoek weten we dat ieder veulen op een gegeven moment een periode van diarree gaat meemaken. Dit is dus een natuurlijk proces en niet te voorkomen, ook niet met behulp van voeding. Diarree bij veulens heeft te maken met de veranderingen in de dikke darm tijdens de overgang van merriemelk (lactose) naar ruwvoer (vezels). Vet- en suikergehalte van de merriemelk: de samenstelling van de merriemelk bepaalt mede de duur en ernst van de veulendiarree; hoe vetrijker hoe heviger en langer de symptomen. Deze samenstelling is helaas niet te beïnvloeden. Het geven van een eiwitrijker of vetrijker rantsoen aan de merrie heeft dus geen effect op de melksamenstelling. Fermenteren van ruwvoervezels: veulens die de bacteriën in hun dikke darm hebben toegespitst op het fermenteren van vezels, hebben veel minder ernstige diarree. Met andere woorden: hoe eerder veulens mest en ruwvoer eten, hoe minder erg de diarree zal zijn. Dit staat ook weer in verband met de melkproductie, want merries die minder melk produceren, dwingen zo hun veulens om eerder andere voedselbronnen te eten. De duur en ernst van de diarree hangt dus af van bovenstaande factoren en is helaas niet te beïnvloeden. Integendeel; het advies is juist om géén darmondersteunende probiotica te geven, aangezien je hiermee de onstabiele darmbacteriën alleen maar meer uit balans brengt. Is er dan helemaal niets dat je kan doen? Let erop dat het ruwvoer dat je aanbiedt goed droog is. Daarnaast drinken sommige veulens teveel water, wat de diarree kan versterken. Hang in dat geval de waterbak wat hoger, zodat de kleintjes er niet meer bij kunnen. Blijft de diarree lange tijd en in hevige vorm aanhouden? Neem dan contact op met je dierenarts. Diarree bij paard stoppen Diarree kan je paard uitdrogen en is in sommige gevallen zelfs dodelijk. Het allerbelangrijkste bij een paard met diarree is ervoor zorgen dat het niet uitdroogt. Het toedienen van vocht, maar ook van voedingstoffen is dan noodzakelijk. Als je de diarree bij je paard wilt stoppen, moet je eerst achterhalen wat de oorzaak van de diarree is. Dit kan het beste in samenspraak met je dierenarts, waarna je vervolgens samen een behandelplan kan opstellen. Paarden met diarree voorkomen Een paard met diarree is helaas niet altijd te voorkomen. Toch zijn er een aantal maatregelen die je preventief kunt nemen om de kans op diarree zo veel mogelijk te verkleinen: Wanneer paarden de hele winter niet in de wei zijn geweest en in het voorjaar weer de wei op gaan, kan deze wisseling de bacteriën in de darm van streek maken. Het jonge voorjaarsgras verstoort de darmflora wat diarree tot gevolg kan hebben. Ook beschimmeld en bedorven voer, of te plotselinge veranderingen in een rantsoen kan de darmflora verstoren. Zorg er dus altijd voor dat je weidegang en rantsoenwisselingen langzaam opbouwt en vermijd bedorven voer.   Een paard met een slecht gebit kan niet voldoende op zijn voer kauwen. Het voer kan hierdoor onvoldoende worden verteerd, waardoor grote stukken voer in het maagdarmkanaal terechtkomen. Dit kan leiden tot diarree. Een jaarlijks bezoek aan de tandarts is dus aan te raden!   Paarden die veel in een zandpaddock of in een schrale weide lopen kunnen veel zand eten. Bij het opnemen van te veel zand, hoopt het zand zich op in de darmen met diarree en/of koliek als gevolg. Het regelmatig verstrekken van een zandvrij kuurtje en het geven van voldoende hooi op een zandpaddock of schrale weide kan diarree helpen voorkomen. Tip: zorg ervoor dat paarden hooi krijgen vanaf een harde ondergrond, dit vermindert zandopname doordat de paarden het hooi niet direct van het zand hoeven te eten. Leg bijvoorbeeld rubberen platen onder het hooi.    Om diarree te voorkomen is een goed wormbeleid op stal zeer belangrijk. Viermaal per jaar mestonderzoek en éénmaal per jaar (meestal in het najaar) ontwormen met een uitgebreid ontwormingsmiddel verkleint de kans op een worminfectie, zoals spoelwormen. Het dagelijks verwijderen van de paardenmest uit de weide verlaagt ook de infectiedruk.   Paarden die stress ervaren uiten dit vaak in diarree. Om diarree te voorkomen is het beperken van stressfactoren van groot belang. Denk hierbij aan voldoende contact met soortgenoten, voldoende weidegang, niet te vaak verhuizen van stal etc.   Voertips voor een goede darmflora Supplement voor een stabiele darmfunctie Het doel van de behandeling bij diarree en/of mestwater is om de bacteriepopulatie in de darmen weer in evenwicht te brengen. Speciaal hiervoor is Pavo GutHealth ontwikkelt. De 100% natuurlijke ingrediënten in dit supplement – waaronder o.a. gerstgras, brandnetel, prebiotica en antioxidanten – bieden de optimale ondersteuning voor de gezonde darmbacteriën in de dikke en dunne darm en helpen daarmee diarree en mestwater tegen te gaan. Pre- en probiotica  Om de darmflora te ondersteunen kunnen zowel pre- als probiotica gevoerd worden. Meestal worden pre- en probiotica in één adem genoemd, maar er is een groot verschil tussen deze twee. Prebiotica vormen de voeding voor de hardwerkende bacteriën in de dikke darm. Probiotica zijn de bacteriën of gisten zelf. Prebiotica bestaan met name uit vezels uit ruwvoer. De bacteriën voeden zichzelf met de vezels en produceren hierbij vluchtige vetzuren, dit proces heet fermentatie. De vluchtige vetzuren worden vervolgens afgegeven aan de bloedbaan, waardoor je paard het als energiebron kan verbruiken. Het is daarom zeer belangrijk om je paard voldoende kwalitatief ruwvoer te voeren. Benieuwd naar de kwaliteit van jouw ruwvoer? Doe de Ruwvoer Quickscan! Naast de meest gebruikelijke ruwvoeders (gras, voordroogkuil en hooi) bestaan er verschillende soorten ruwvoeralternatieven. Je kunt je ruwvoer aanvullen of zelfs compleet vervangen met deze alternatieven als je onvoldoende ruwvoer hebt, de kwaliteit matig of slechts is, maar ook als je paard weinig of geen ruwvoer kan opnemen (bijv. oude paarden) of je paard mager/ schraal blijft. Pavo heeft vier verschillende ruwvoervervangers: Pavo Fibrebeet, Pavo SpeediBeet, Pavo FibreNuggets en Pavo DailyPlus. Probiotica kun je inzetten wanneer de darmflora van je paard verstoord is. De balans tussen goede en minder gewenste bacteriën is weg, waardoor die laatste zich kunnen uitbreiden. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als je paard een antibioticakuur krijgt. Wanneer je een probioticasupplement of -voer uitzoekt, is het van belang dat deze levend gist bevat. Dode gistcellen hebben namelijk geen enkel effect meer.  
Lees meer 5m
Voeding en fokkerij
Dracht paard uitrekenen
Als jouw merrie drachtig is en je komend jaar een veulentje verwacht, is het handig om ongeveer te weten wanneer deze komt. Het is namelijk niet alleen heel mooi om de geboorte van het veulen te zien, maar kan ook het leven van je merrie en/of veulen redden als er complicaties optreden tijdens de geboorte. Zo kan het veulen een verkeerde ligging hebben, kan het zijn dat de placenta te vroeg loslaat (red bag delivery) of komt de nageboorte er niet tijdig of compleet uit. Het bepalen van de datum waarop de merrie uitgerekend is om te bevallen is dus zeker heel belangrijk om de merrie rondom deze periode nog wat extra in de gaten houden. Wanneer is een merrie drachtig? Tegenwoordig worden de meeste paarden via kunstmatige inseminatie gedekt. De dierenarts kan hierbij het juiste moment bepalen om de merrie te insemineren en kan een paar dagen hierna controleren of ze geovuleerd heeft om te beoordelen of ze opnieuw geïnsemineerd moet worden. Wanneer je merrie niet drachtig wil worden kan dat verschillende oorzaken hebben, maar als het wél gelijk pakt, kan je op de echo na ongeveer 8 dagen een klein vruchtje zien in de baarmoeder. Meestal wordt de merrie ongeveer 16 dagen na het dekken gescand om te bepalen of ze drachtig is, omdat het dan wat beter te zien is. Is er een vrucht in de baarmoeder te zien dan weet je het zeker: de merrie is drachtig! Om er zeker van te zijn dat de baarmoeder de vrucht hierna niet alsnog heeft verstoten, is het slim om rond de 6 weken en 3 maanden nog een keer een scan te doen. Het is ook nog steeds mogelijk om je paard of pony op natuurlijke wijze te laten dekken, al komt dat bij paarden niet vaak meer voor. Het levert immers veel meer risico op blessures. Maar de kans op succes kan door het verse sperma en het moment dat de hengst uitkiest om de merrie te bevruchten wel groter zijn. Nadat je merrie bij een hengst heeft gestaan, kan je haar net als een geïnsemineerde merrie laten scannen. Hoewel je de precieze dekdatum niet weet, kan de dierenarts je wel ongeveer vertellen hoeveel dagen oud de vrucht is. Dracht merrie uitrekenen Een merrie is ongeveer 11 maanden zwanger, oftewel 335 dagen. Wanneer je wilt uitrekenen wanneer je merrie een veulen krijgt, tel je dus eigenlijk gewoon 335 dagen bij de dekdatum op. Meestal bevalt een merrie niet op de exacte dag waarop ze uitgerekend is, maar vaak zit dit wel rondom de plus of min 10 dagen hiervan. Een veulen dat vóór de 320 dagen geboren wordt, is vaak te vroeg en heeft een aanzienlijk kleinere kans om te overleven. Veulens die langer blijven zitten vormen doorgaans geen probleem. Afwijkingen van de datum ten gevolge van externe factoren zullen steeds vaker een rol spelen, vaak zijn deze weersgebonden. Maar de bevallingsdatum wil ook nog wel eens afwijken omdat er een verkeerde dekdatum is genoteerd. Een merrie is ongeveer 11 maanden zwanger. Dat zijn 335 dagen. Een range van 10 dagen langer of korter is gebruikelijk. Zijn alle paarden even lang drachtig? Hoewel voor elk ras en elke grootte dezelfde draagtijd staat, houdt niet elk individueel paard zich daaraan. Zo kunnen externe factoren, zoals het weer van invloed zijn op de draagtijd, maar ook elk paard is daar weer anders in. Zo zijn er merries die altijd iets eerder zijn of die juist altijd langer doordragen. Als je dit weet, kan je er op inspelen, maar als het het eerste veulen is, is het een kwestie van heel goed monitoren en alert zijn op de voortekenen. Voortekenen hoogdrachtige merrie herkennen Er zijn een aantal voortekenen waaraan je kunt afleiden dat de geboorte van het veulen niet meer lang op zich laat wachten. Als je merrie ‘anders is dan anders’, moeten alle alarmbellen gaan rinkelen. Denk bijvoorbeeld aan: De merrie is wat onrustig (rondjes lopen, schrapen over de vloer) Koliekverschijnselen Dikke uiers waar soms al een druppel melk uitkomt De staart hoog houden Zweten in de flanken Slappe bekkenbanden Zorg er in ieder geval voor dat je goed voorbereid bent op de komst van het veulen en je alles hiervoor in huis hebt. Lees hier meer tips om je voor te bereiden op de komst van een veulen.   Voeding drachtige merrie Al voordat je merrie drachtig is, kan je haar ondersteunen met voeding. Zo kan je haar bijvoorbeeld een supplement als Pavo Fertile geven om de vruchtbaarheid te bevorderen. In het begin van de dracht heeft je merrie niet per se een speciale behoefte, maar vanaf de laatste drie maanden van de dracht tot en met de zoogperiode vormt voeding een essentiële rol en is het geven van een merriebrok, zoals Pavo PodoLac belangrijk. Het speciale aan deze brok is, naast een grote hoeveelheid vitamine E en een hoog eiwit- en vetgehalte, dat het een uitgebalanceerde hoeveelheid koper en zink bevat. Deze stoffen zijn noodzakelijk voor een goede ontwikkeling van het veulen en merriemelk bevat dit van nature te weinig. Door tijdens de laatste drie maanden van de dracht extra koper en zink aan de merrie te voeren, wordt dit via de navelstreng aan het veulen doorgegeven die hiermee een reservevoorraad aan kan leggen. In de eerste drie levensmaanden komt deze voorraad geleidelijk beschikbaar en kan het veulen dit gebruiken voor een gezonde ontwikkeling. Lees hier meer over voeding & arbeid van drachtige en lacterende merries. Meer informatie over het fokken van veulens? Kijk dan eens op de website van het KWPN!
Lees meer 3m
Wat eten paarden?
‘Wat moet ik mijn paard voeren?’ is een veel gestelde vraag aan onze voedingsdeskundigen. Het onderwerp paardenvoer is echter niet zo eenvoudig, want sportpaarden hebben een andere behoefte dan dragende merries of recreatiepaarden. Wat eet een paard: de basis De basis van ieder paardenrantsoen is voldoende ruwvoer van goede kwaliteit. Een paard of pony heeft dagelijks 1,5 - 2,5 kg ruwvoer per 100 kg lichaamsgewicht nodig. Voor een volwassen paard van 600 kg is dit dus tussen de 9 en 15 kg aan ruwvoer. Ruwvoer levert vezels en deze hoeveelheid is nodig voor een goede werking van het gehele spijsverteringsstelsel van je paard. Voor sobere paarden die gemakkelijk aankomen kun je kiezen voor ruwvoer met weinig energie, weinig suiker en matig eiwit. Sportpaarden hebben meer baat bij ruwvoer met meer energie en een hoger eiwitgehalte. Laat iedere partij ruwvoer analyseren op deze gehaltes, met de Pavo Ruwvoer Quickscan kan dat al voor slechts € 23,95. Op basis van wat er in je ruwvoer zit – of wat er dus níet (voldoende) inzit, kun je het rantsoen eventueel aanvullen. Hoe bepaal je hoeveel en welke voeding jouw paard nodig heeft?  Welk voedsel een paard nodig heeft is afhankelijk van de volgende factoren: Ras, type en temperament van je paard. Energieverbruik tijdens arbeid: train je intensief en/of lang of valt dat mee? Leeftijd: is je paard in de groei, in de bloei van zijn leven of al op leeftijd? Jonge en oudere paarden hebben meer voeding nodig om op gewicht te blijven. Staat je paard in de wei waar hij gras kan eten of (deels) op stal waar hij afhankelijk is van wat jij hem geeft? Loopt je paard de hele dag in de wei dan is er minder hooi nodig om aan de 2 kg per 100 kg lichaamsgewicht te komen. Gras is immers ook ruwvoer. Periode in het jaar: is het koud of juist erg warm, is de verhaarperiode aangebroken? Is je paard drachtig of zoogt ze een veulen? Kortom, er zijn veel zaken die je mee moet nemen bij de afweging van de goede voeding voor je paard. Vraag daarom advies aan een specialist die samen met jou een gezond rantsoen voor je paard samenstelt. Pavo heeft ook een voedingsdeskundige in dienst, die je hiermee kan helpen. Stel hier je vraag aan ons voeradvies.  Voer je een paard in de zomer anders dan in de winter? Het seizoen heeft zeker invloed op wat je je paard voert en hoeveel je voert. Bij het ingaan van het stalseizoen, als de paarden meer tijd op stal doorbrengen, of als er minder voedingswaarde in het gras zit, pas je het rantsoen aan. Een winterrantsoen bevat doorgaans meer ruwvoer en een aanvulling van vitaminen, mineralen en sporenelementen, dan een zomerrantsoen. Een voorbeeld van zo'n aanvulling is Pavo Vital, een dagelijkse balancer: een melasse- en graanvrij brokje met alle vitaminen en mineralen die je paard nodig heeft. Vroeger betekende de winter een rustperiode, maar dat is tegenwoordig niet meer per definitie het geval. In het voorjaar bouw je het winterrantsoen langzaam af naar een zomerrantsoen.In sommige situaties kan het nodig zijn om je (voordroog)hooi aan te vullen of (deels) te vervangen. Bijvoorbeeld bij een slechte of matige kwaliteit ruwvoer of paarden met gebitsproblemen die moeite hebben met ruwvoeropname. Voor deze problemen hebben wij FibreNuggets ontwikkeld. Deze makkelijk te verteren grasbrok heeft altijd een constante kwaliteit en is dus voor ieder paard maar vooral voor ieder seizoen geschikt. Wat is gezond voer voor paarden, en wat zeker niet? Deze vraag lijkt simpel, maar het antwoord is niet zo eenvoudig. Hieronder vind je een paar voorbeelden van wat wél en juist niet gezond is voor je paard. Gras, hooi en voordroogkuil zijn gezonde ruwvoeders voor paarden. Maar… alles met mate en er bestaan ook uitzonderingen op de regel. Een voorbeeld is dat hoefbevangen paarden niet op gras mogen. Extraatjes zijn altijd een punt van aandacht. Een paardensnoepje is prima, tien per dag niet. Hetzelfde geldt voor brood. Mits goed gedroogd, is een boterham weliswaar niet gezond maar ook niet schadelijk voor een paard. Maar geef geen half brood per dag. Groenten en fruit voor paarden Veel mensen voeren hun paard af en toe wat groente en fruit bij. Daar is op zich niets mis mee, zolang het maar bij een 'lekker extraatje' blijft en het niet de overhand neemt in het rantsoen. Let er wel altijd op dat het fruit of de groente niet beschimmeld of verrot is, daar kan je paard ziek van worden.   Fruit voor paarden: Net als met paardensnoepjes geldt voor fruit ook: af en toe een stuk kan geen kwaad, maar geef je paard geen fruitmand per dag. Fruit bevat namelijk relatief veel suikers en teveel fruit werkt verstorend op de darmflora van je paard. Wil je toch fruit geven, neem dan een appel, banaan, peer, perzik of een pruim. Bij de laatste twee niet vergeten om de pit te verwijderen! Andere fruitsoorten kan je beter niet aan je paard voeren. Heeft jouw paard een vitaminetekort? Dan kan je dit beter aanvullen met een vitaminesupplement speciaal voor paarden.  Groenten voor paarden: Naast fruit is groente (met mate) ook een optie. De volgende groenten kan je veilig aan je paard voeren: broccoli, boerenkool, spruitjes, spinazie, radijsjes en wortelen. Vooral wortelen zijn een gezonde aanvulling, ze bevatten erg weinig suiker, veel vocht en daarnaast ook nog bèta-caroteen. Wortelen zijn ook een prima versnapering of beloning voor grondwerk. Als je paard moeite heeft met kauwen, is het beter om de grote stukken groente in kleinere stukken te snijden. Vermijd daarbij altijd ronde schijfjes om verstopping te voorkomen. Groenteafval is dan weer niet zo goed voor paarden, dus dat kan je beter in de container of op de composthoop gooien. Net zoals aardappelen en mais(kolven). Deze twee bevatten veel zetmeel wat paarden slecht kunnen verteren als het geen speciale hittebehandling heeft ondergaan.   Paardenvoer kopen Er zijn verschillende dealers en retailers die paardenvoer verkopen. Zij bieden vaak meerdere merken aan. Hier kun je alle verkooppunten die Pavo-producten verkopen bekijken. Maar wist je dat je tegenwoordig ook steeds makkelijker online paardenvoer kunt bestellen? Pavo heeft ook een eigen webshop. Hier bestel je snel en eenvoudig het product van jouw keuze en deze bezorgen we dan bij jouw thuis of op stal.  
Lees meer 3m
Voeding en gezondheid
Paardenvoer zonder suiker
Voor wie op zoek is naar een paardenvoer met zo weinig mogelijk suiker, heeft verschillende opties. Maar wist je dat sommige paarden suikers ook nodig hebben om energie uit te halen, bijvoorbeeld sportpaarden? In dit artikel leggen we meer uit over paarden en suiker en geven we je natuurlijk ook een aantal suikerarme paardenvoer alternatieven! Suiker en zetmeel in paardenvoer Suiker en zetmeel zijn gemakkelijk beschikbare energiebronnen voor een paard en zeker niet alleen maar ‘slecht’. Ze zorgen er namelijk ook voor dat de hersenen en het zenuwstelsel van je paard optimaal kunnen functioneren. Als je paard lange tijd te veel energie binnenkrijgt (meer dan dat hij nodig heeft voor de training), kan dit resulteren in obesitas en stofwisselingsproblemen. Eigenlijk net als bij mensen: als wij meer binnenkrijgen, dan we verbranden, zullen wij ook in gewicht toenemen. Grote hoeveelheden suiker en zetmeel zijn echter moeilijk te verteren voor een paard en kunnen de darmflora verstoren, wat kan leiden tot koliek en diarree.  De meeste paardeneigenaren zijn zich goed bewust van het suikergehalte dat er in hun krachtvoer of vitaminen- en mineralenbalancer zit. Wat dan wordt vergeten, is dat dit gehalte vaak een fractie is van wat paarden aan suiker uit ruwvoer binnenkrijgen. Gras Vrijwel alle paarden eten gras. Vers gras bevat geen zetmeel, maar is wel erg suikerachtig, ongeveer 400 gram per kg droge stof. Droge stof is de hoeveelheid gras die overblijft wanneer al het water eruit is gehaald. Met 1 kg vers gras absorbeert je paard ongeveer 16 tot 20 g suiker. Dit komt overeen met een hoeveelheid van 3-6 suikerklontjes. Als je paard de hele dag op de weide staat eet hij ongeveer 40 kg gras, dat is ongeveer 1 kg pure suiker. Typische hoogwaardige suikerrijke grassen, zoals die voor koeienweiden, zijn daarom niet geschikt voor paarden. Gebruik daarom altijd speciaal paardengraszaad voor het inzaaien van je paardenweide. Lees ook: wat is het verschil tussen een koeienwei en paardenwei? Hooi Hooi bevat minder suiker dan vers gras, maar kan toch ook een behoorlijk percentage suiker bevatten. Een suikergehalte van 10% in hooi is niet ongebruikelijk. Het suikergehalte van hooi hangt vooral af van het type gras, tijdstip van maaien en bemesting. Gemiddeld hebben paarden 1,5 - 2,0% van hun lichaamsgewicht aan ruwvoer (droge stof) nodig. Een zwaargewicht paard van 600 kg heeft 9-12 kg ruwvoer (droge stof) per dag nodig. Dit betekent dat een paard via het hooi 900- 1200 gram suiker per dag binnenkrijgt! In onderstaande grafiek zie je de suikerwaardes van 2.200 ruwvoeranalyses die Pavo het afgelopen jaar heeft uitgevoerd. Ieder puntje is een ruwvoermonster en de waardes lopen erg uiteen van 2% tot meer dan 25%. Alles onder de 10% is een ‘veilige’ hoeveelheid suiker, zelfs voor paarden met bijvoorbeeld hoefbevangenheid. Gaat het suikergehalte richting de 15 of zelfs 20%, dan krijgt je paard een ongezonde hoeveelheid suiker per dag binnen. Snijmais Helaas denken nog steeds veel mensen dat snijmais geschikt is als paardenvoer. Snijmais bevat echter erg veel zetmeel en is daarom absoluut niet geschikt voor paarden! De spijsverteringscapaciteit van paarden voor zetmeel is namelijk zeer beperkt. Snijmais kan alleen aan paarden gevoerd worden als het product  een speciaal proces heeft ondergaan, waardoor het voor paarden beter verteerbaar is gemaakt.  Hoe bereken je suiker en zetmeel in paardenvoer? Om de gehalten van suiker en zetmeel in paardenvoer te berekenen is het van belang dat je van zowel je ruwvoer als je krachtvoer weet hoeveel suiker en zetmeel hierin zit. Ben je niet bekend met de gehalte in jouw ruwvoer? Doe dan de Pavo Ruwvoer Quickscan. Zodra je de uitslag van jouw ruwvoeranalyse binnen hebt, kan je precies uitrekenen hoeveel suiker er in jouw ruwvoer zit. Het suiker- en zetmeelgehalte van krachtvoer staat bij Pavo altijd vermeld op de zak. Deze informatie kun je ook op onze website terugvinden bij alle producten, net als hoeveel kilogram voer er in een volle Pavo voerschep zit. Rekenvoorbeeld: Ruwvoer Om daadwerkelijk te berekenen hoeveel suiker er in jouw ruwvoer zit, en om te bepalen of dit ‘veilig’ is, kan je de volgende formule gebruiken (alle gebruikte cijfers zijn te vinden op de uitslag van je Ruwvoer Quickscan): Gram suiker ( in g/kg DS) / 1000 * DS ( in g/kg product) = totale grammen suiker per kg product Om te berekenen hoeveel procent suiker dit is deel je bovenstaande uitkomst door 10.   Krachtvoer Om te berekenen  hoeveel suiker jouw paard binnenkrijgt uit krachtvoer moet je het zetmeelgehalte en het suikergehalte bij elkaar optellen. Voorbeeld bij Pavo Nature’s Best: 4% suiker + 16,7% zetmeel = 20,7%. 1 volle Pavo voerschep Nature’s Best bevat circa 0,9 KG. Voor alle producten is de hoeveelheid per voerschep terug te vinden op de website! 20.7/100 * 0.9= 0.19 kilogram suiker uit krachtvoer. Paarden en suiker In het lichaam van een paard wordt zetmeel uiteindelijk omgezet in suiker. Zowel suiker als zetmeel zijn een gemakkelijk beschikbare energiebron voor je paard:ze zorgen voor een snelle toename van de bloedsuikerspiegel. Een hoge bloedsuikerspiegel veroorzaakt een snelle afgifte van insuline, waardoor de lever- en spiercellen het teveel aan suiker in het bloed absorberen en opslaan, de bloedsuikerspiegel komt hierdoor weer in balans. Ook zorgen suiker en zetmeel ervoor dat de hersenen en het zenuwstelsel van je paard optimaal kunnen functioneren. Suiker en zetmeel vallen onder de niet-structurele koolhydraten. De vertering van niet-structurele koolhydraten gebeurt met name in de dunne darm. Structurele koolhydraten, zoals ruwe vezels en celwanden, worden met behulp van bacteriën omgezet tot energie in de dikke darm. Dit proces heet fermentatie.  Wanneer een paard te veel suiker binnenkrijgt, bestaat er een kans dat een aanzienlijk deel suiker en zetmeel niet volledig wordt verteerd. De tijd dat suiker en zetmeel wordt verteerd in de dunne darm is meestal niet lang genoeg om de suiker en het zetmeel volledig te verteren. Het is dan ook belangrijk om niet  te veel suiker en zetmeel in één keer te voeren. De gouden regel is: maximaal 2 gram suiker en zetmeel per kg lichaamsgewicht per maaltijd. Vuistregel: voer je paard maximaal 2 gram suiker en zetmeel per kg lichaamsgewicht per maaltijd.   Wanneer suiker en zetmeel niet volledig wordt verteerd in de dunne darm komt dit uiteindelijk in de dikke darm terecht. Dit wil je voorkomen, want daar kan het de bacteriële balans verstoren of zelfs bacteriën vergiftigen. Structurele koolhydraten, zoals ruwe vezels en celwanden, kunnen dan niet meer goed worden verteerd. De dikke darm werkt minder efficiënt, wat kan leiden tot diarree of zelfs gaskoliek. Een te hoog gehalte aan zetmeel en suiker kan daarom op langere termijn leiden tot problemen, zoals hoefbevangenheid, obesitas of stofwisselingsproblemen zoals insulinedysregulatie bij het paard. Is suiker hetzelfde als melasse? Melasse is een stroperige vloeistof en wordt veel gebruikt als bindmiddel om brokken te kunnen persen, maar is niet hetzelfde als suiker. Melasse is  een bijproduct dat ontstaat bij het winnen van suiker uit suikerbieten. Wanneer sap uit de bieten wordt gewonnen wordt dit sap gezuiverd en vervolgens gekookt en ingedikt. Hierbij ontstaat melasse, wat overblijft (de rest) is de suiker. Pavo paardenvoer met weinig suiker Speciaal voor paarden die gevoelig zijn voor suiker heeft Pavo een aantal producten ontwikkeld met een laag suiker- en zetmeelgehalte. Ruwvoer • Pavo SpeediBeet Pavo SpeediBeet is bietenpulp met een laag suikergehalte en een korte weektijd. Om het suikergehalte in onze bietenpulp laag te houden, wordt de bietenpulp gespoeld voordat het wordt verwerkt in onze producten. In Nederland wordt bietenpulp tweemaal gespoeld. Pavo laat bietenpulp speciaal uit Engeland komen waar het maar liefst viermaal wordt gespoeld! Pavo bietenpulp heeft hierdoor slechts een suikergehalte van 5%.   • Pavo FibreBeet Pavo Fibrebeet is het broertje van Pavo SpeediBeet en bestaat uit bietenpulp verrijkt met luzerne en soja-eiwitten. Ideaal voor suikergevoelige paarden die extra energie en eiwit nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze wat mager zijn of arme bespiering hebben. Pavo Fibrebeet bevat slechts 3% zetmeel en 5% suiker. Krachtvoer • Pavo Care4Life Pavo Care4Life is een speciale, structuurrijke kruidenmix en bevat slechts 3,8% suiker en 4,4% zetmeel. Bovendien bevat het geen granen of graanproducten en is het vrij van melasse en haver. Pavo Care4Life is geschikt voor paarden die problemen hebben met de vertering van niet-structurele koolhydraten of die geen graan nodig hebben. • Pavo Nature’s Best Pavo Nature's Best is een heerlijke, gezonde, structuurrijke muesli, speciaal ontwikkeld voor recreatie- en sportpaarden die lichte arbeid verrichten. Het bevat spelt en timothee en heeft een zeer laag suiker- (4%) en zetmeelgehalte (16,7%). Timothee is een vezelrijke grasplant met een heerlijke kruidenachtige geur. Balancer & supplementen • Pavo Vital Pavo Vital is een uitgebalanceerde mineraalvoeding voor paarden en pony's, die weinig of geen krachtvoer krijgen naast het ruwvoer. Met een smakelijke, gezonde en natuurlijke basis van timothy en luzerne. Pavo Vital is vrij van graan en melasse en bevat slechts 4.5% suiker en 0.24% zetmeel. • Pavo DailyFit Pavo DailyFit is een smakelijke koek met één dagdosis vitaminen en mineralen maar dan zónder de energie en calorieën die in krachtvoer zitten. Het bevat slechts 6,5% suiker en 17% zetmeel en is de ideale aanvulling op een ruwvoerrantsoen of bij een lage krachtvoergift. Benieuwd of jouw paard een balancer nodig heeft? Doe de test! Pavo Supplementen Alle supplementen van Pavo zijn laag in suiker en zetmeel!
Lees meer 5m
Voeding en fokkerij
Drachtige merrie: voeding en arbeid
Het voorjaar is voor elke fokker een spannende tijd. In de aanloop naar de geboorte van het veulen toe is het goed om eens stil te staan bij de voedingsbehoefte van de merrie, maar ook nadat het veulen geboren is en de merrie volop melk geeft. En hoe zit dat eigenlijk met het rijden van een drachtige merrie? Vruchtbaarheid merrie Normaal gesproken wordt een merrie vanaf het vroege voorjaar tot september iedere 3 weken hengstig. Deze vruchtbare periode van de merrie duurt 3 tot 7 dagen. Indien de merrie te weinig energie over heeft, omdat ze niet in goede conditie/te dun is, kunnen er vruchtbaarheidsproblemen optreden. Naast het zorgen voor regelmaat, een goede stalhygiëne, genoeg beweging en een stressvrije omgeving kunnen de volgende vitaminen en mineralen een positieve invloed hebben op de vruchtbaarheid van de merrie: Beta-caroteen(of pro-vitamine A): Hiermee is een merrie eerder in haar cyclus, zorgt voor een betere hengstigheid en dit vermindert de kans op vroeg embryonale sterfte. Vitamine E: Een tekort aan Vitamine E lijdt tot onvruchtbaarheid. Bij drachtige merries lijdt het tot misvorming van het veulen (spierziekte, witte spieren) of abortus. Foliumzuur: Heeft bij mensen een positief effect, bij paarden is er nog weinig van bekend. Selenium: Heeft een vergelijkbare uitwerking als vitamine E op de vruchtbaarheid. Het voedingssupplement Pavo Fertile bevat onder andere bovenstaande stoffen en kan de vruchtbaarheid van de merrie ondersteunen.  Drachtige of lacterende merrie en ruwvoer Gras bevat de ideale voedingsstoffen voor merries, maar in het ruwvoer zitten vaak juist veel minder eiwitten en mineralen dan altijd is aangenomen. Ook bevat het veel minder vitamine E dan vers gras. Arm ruwvoer is goed voor dikke paarden en sobere rassen, maar niet voor een zogende merrie. Veel  merries gaan pas laat in het seizoen naar buiten en hebben dan niet altijd de beschikking over voldoende grasland. Het voeren van enkel  gedroogd ruwvoer volstaat dus niet en kan een tekort aan vitamine E veroorzaken wat het risico dat de merrie aan de nageboorte blijft staan verhoogt. Voeding drachtige merrie In de eerste acht maanden volstaat het normale rantsoen van de merrie, maar in de laatste drie maanden van de dracht verandert de voedingsbehoefte van de merrie enorm. Dit is het moment waarop het veulen in de baarmoeder een enorme groeispurt doormaakt. De voedingsstoffen die voor deze groei nodig zijn, worden in de baarmoeder via de bloedstroom en na de geboorte via de melk van de merrie doorgegeven. Bij tekorten aan bepaalde voedingsstoffen kan de aanleg voor beengebreken zoals OC(D) ontstaan. In de merriebrok Pavo PodoLac zitten alle noodzakelijke vitaminen, mineralen en sporenelementen voor een optimale groei en ontwikkeling van het veulen. Voeding tijdens de lactatie Na de geboorte van het veulen stijgt de behoefte aan energie en eiwitten explosief. In de eerste dagen produceert een merrie ongeveer acht liter melk per dag, wat oploopt tot twintig liter. Een te kort aan eiwitten is funest en zal zorgen voor een verminderde melkproductie. De merrie heeft letterlijk twee keer zoveel energie en eiwitten nodig dan een merrie zonder veulen. De eerste drie maanden van de lactatie kun je Pavo PodoLac blijven geven. Als het veulen drie weken oud is en zelf begint te eten kan dit naar behoeft van de merrie al eventueel worden verminderd. Als het veulen wordt gespeend, kan de merrie haar oude rantsoen weer volgen. Voeding drachtige en hoefbevangen merrie Het kan voorkomen dat een drachtige merrie hoefbevangen raakt of daar erg gevoelig voor is. Ook dan is het in de laatste maanden van de dracht belangrijk om ervoor te zorgen dat de merrie voldoende extra voedingsstoffen voor het veulen binnenkrijgt. Dikke drachtige merrie laten afvallen? Tijdens de dracht is een te vette merrie niet wenselijk. Deze veulens groeien namelijk sneller wat ongunstig is voor de kwaliteit van de botgroei. Het is echter niet verstandig om de merrie na de negende maand nog te laten afvallen, omdat het veulen dan de grootste ontwikkeling doormaakt. Je kan er wel voor zorgen dat ze niet nog dikker wordt, maar zet haar niet op een streng dieet! Meer beweging is in dit geval aan te raden, uiteraard aangepast aan de toestand. Drachtige merrie rijden Zonder medische redenen voor een groter risico op complicaties tijdens de dracht en de bevalling kan de merrie gewoon getraind worden. Pas in de laatste maanden van de dracht kan het zijn dat de merrie te zwaar wordt en/of haar uithoudingsvermogen en flexibiliteit vermindert waarop je de trainingsintensiteit moet aanpassen. Het allerbelangrijkste is dat je goed naar je paard kijkt en de signalen die zij afgeeft gebruikt om te bepalen wat ze aankan. Stop echter niet zomaar met het geven van beweging, want het is juist gezond om het paard tot op de laatste dag onbelaste beweging te geven. Een goede lichamelijke conditie is immers een voorwaarde voor een vlotte bevalling. Meer informatie over het fokken van veulens? Kijk dan eens op de website van het KWPN!
Lees meer 2m
Voeding en gezondheid
Wat is het verschil tussen Pavo Vital en DailyFit?
Als je paard geen of weinig krachtvoer krijgt, is het aanvullen van vitamines, mineralen en sporenelementen noodzakelijk. Er zijn verschillende balancers waarmee je dit kunt doen, bijvoorbeeld Pavo Vital of Pavo DailyFit, maar ook Pavo Care4Life en Pavo Liga mogen eigenlijk niet in dit rijtje ontbreken. Het zijn namelijk alle vier prima aanvullingen, maar wat is eigenlijk het verschil? En wanneer is welk product het meest geschikt? Wanneer moet je vitamines en mineralen aanvullen? Gras en ruwvoer alleen bevatten niet voldoende voedingsstoffen om de volledige behoefte van je paard af te kunnen dekken. Als je paard krachtvoer nodig heeft, bijvoorbeeld voor extra energie of eiwit, worden de vitaminen, mineralen en sporenelementen voldoende afgedekt als je de aanbevolen hoeveelheid krachtvoer geeft. Van de meeste krachtvoeders is dat ongeveer 2 kilo per dag voor een volwassen paard. Staat je paard 24/7 op de wei en geef je hem geen of maar een handje krachtvoer per dag? Dan is aanvulling van een vitaminen- en mineralenbalancer noodzakelijk.  Het kenmerk van een balancer is dat het veel geconcentreerder is en dat je er – in tegenstelling tot krachtvoer – dus maar weinig van hoeft te voeren. Pavo Vital: kleine brokjes Pavo Vital is een melasse- en graanvrij brokje met alle vitaminen, mineralen én sporenelementen die je paard nodig heeft. Het is gemaakt van 100% natuurlijke grondstoffen (luzerne en timothee) en bevat een zeer laag suiker- en zetmeelgehalte (4,7%). De brokjes hebben een kleine doorsnee van 5 millimeter en kun je makkelijk in een emmer of voerbak voeren, eventueel gemengd met wat Pavo DailyPlus of een handjevol muesli of brokken. Een volwassen paard geef je 100 gram Pavo Vital per dag, een pony heeft al genoeg aan 50 gram per dag. Om de juiste hoeveelheid goed te kunnen afmeten, zit in de emmer Pavo Vital (8) een handig maatbekertje. Daarnaast is Pavo Vital ook verkrijgbaar in een navulverpakking (8 kg) en een grootverpakking (20 kg). Die laatste is erg handig voor als je er meerdere paarden mee voert. Lees hier meer over Pavo Vital. Wil je een vitaminen- mineralenproduct met zo weinig mogelijk suikers geven? Kies dan voor Pavo Vital. Met de adviesdosering van 100 gram per dag geef je dan 4,7 gram suiker/zetmeel per dag. Pavo DailyFit: handige koek   Pavo DailyFit bevat de noodzakelijke vitaminen en mineralen in de vorm van een smakelijke koek. De koek kun je makkelijk in je zak meenemen en je paard uit de hand voeren. Een volwassen paard geef je één koek per dag, een pony een halve koek. Het grote verschil tussen Pavo DailyFit en Pavo Vital is de vorm (koek vs. brokjes) en daarnaast is Pavo Vital volledig graanvrij. Welke van de twee je het beste kunt gebruiken ligt dus aan wat je zelf fijner vindt en waar je paard de voorkeur aan geeft; de toepassing van beide producten is hetzelfde. Bevat Pavo DailyFit veel suiker? Wij krijgen veel vragen over het suikergehalte in Pavo DailyFit. Waarschijnlijk denken mensen dat er veel suiker in zit, vanwege de vorm: een koek is immers vooral lekker en niet perse gezond. Echter, Pavo DailyFit bevat slechts 6% suiker. Even ter vergelijking: normale krachtvoeders voor paarden hebben een suikergehalte tussen de 4 en 8%, hooi voor paarden bevat gemiddeld 10% suiker en vers gras 20% (in droge stof). Daarmee is een suikergehalte van 6% dus zeker niet hoog! Hier kun je de volledige samenstelling van Pavo DailyFit bekijken. Hoeveel suiker krijgt mijn paard binnen uit een Pavo DailyFit koek? Dan gaan we even rekenen. Een Pavo DailyFit koek weegt 140 gram, 6% daarvan is suiker, wat neerkomt op 8,4 gram suiker per koek. Oftewel: iets meer dan een theelepel. Als je jouw paard hooi voert, krijgt hij - bij gemiddelde samenstelling van 10% suiker - dagelijks ongeveer 1 kilo (!) suiker binnen via het hooi. Hier kunnen paarden (en zelfs hoefbevangen paarden) prima mee overweg. Het wordt pas echt opletten geblazen als je paard de hele dag volop in het gras loopt of ruwvoer krijgt met meer dan 15% suiker: dan krijgt hij namelijk elke dag tussen de 1,5 en 2 kilo suiker binnen. Zelfs al zou je het suiker- en zetmeelgehalte bij elkaar optellen, dan krijgt je paard via een Pavo DailyFit koek slechts 31 gram suiker binnen (6% suiker + 16% zetmeel = 22% suiker/zetmeel op 1 koek van 140 gram). Via 1 kilo gemiddeld hooi krijgt een paard al 100 gram suiker binnen. Je hoeft je dus echt geen zorgen te maken over de 31 gram suiker uit een Pavo DailyFit koek.     Via het hooi krijgt een paard gemiddeld 1 kilo suiker per dag binnen. Met 1 Pavo DailyFit koek geef je slechts 31 gram suiker/zetmeel per dag. Pavo Care4Life en Pavo Liga: perfect voor paarden die weinig krachtvoer moeten hebben Binnen het Pavo-assortiment zijn er twee producten die wel onder krachtvoer vallen, maar die een extra hoge concentratie van vitaminen, mineralen en sporenelementen hebben, zodat je er maar weinig van hoeft te voeren. Pavo Care4Life Pavo Care4Life is een gezonde en geconcentreerde kruidenmix met 11 verschillende soorten kruiden en prebiotica. Het is helemaal melasse-, haver- en graanvrij (ook geen graanbijproducten) en is ideaal voor paarden met neiging tot overgewicht, die slecht met suiker overweg kunnen en/of die moeten herstellen. Ook voor Pavo Care4Life geldt: (warmbloed)paarden hebben aan 1 kilo per dag voldoende, pony’s aan een halve om in hun dagelijkse vitaminen en mineralen te voorzien (170gr per 100kg lichaamsgewicht).  Pavo Liga ​Onze Pavo Liga is het perfecte ‘krachtvoer’ voor sobere paarden- en ponyrassen, zoals IJslanders en Fjorden. Deze paarden hebben vaak weinig krachtvoer nodig en hebben aanleg om snel dik te worden. Pavo Liga bevat dan ook een lage energiewaarde, maar wel de dubbele hoeveelheid vitamines en mineralen per kilo krachtvoer, zodat je met 1,5 kg per dag (pony 750gram) al in de vitaminen- en mineralenbehoefte voorziet (250gr per 100kg lichaamsgewicht). Van meest geconcentreerd naar minder geconcentreerd wat betreft het gehalte vitaminen en mineralen per kg product is het: Pavo Vital, Pavo DailyFit, Pavo Care4Life en dan Pavo Liga.
Lees meer 3m